Onderzoek met bronnen
De nieuwe dakloosheid
of Lees het onderzoek bij De Groene Amsterdammer
Nederland kom tot het inzicht dat het een escalerend daklozenprobleem heeft. Terwijl gemeenten ze uit ‘het straatbeeld’ weren, strijden daklozen bij de rechter voor een plekje in de opvang.
In de eerste week van januari kruipt de kou tot diep onder je huid. Verse sneeuw kraakt onder de gympen van Wilbert als hij een heuvel opklimt in een park in Overvecht-Noord. Met een zaklamp schijnt hij tussen besneeuwde bosjes. Achter een schutting van winkelkarren, stukken zeil en onder een stapel dekens ligt iemand.
‘Hoe gaat het?’, vraagt Wilbert.
‘Goed’, bromt een mannenstem.
‘Wil je niet naar binnen?’
‘Nee.’
Wilbert haalt zijn schouders op en loopt de heuvel af. Hij kent deze man, die is altijd dwars. Het is de vierde avond dat Wilbert als hulpverlener van Stichting De Tussenvoorziening samen met vrijwilligers van het Rode Kruis in een witte bus Utrecht doorkruist.1 Ze zoeken naar de laatste dakloze mensen die nog buiten zijn. Met min acht kan dat levensgevaarlijk zijn.
Twee maanden eerder opent Wilbert de koudweer-opvang voor het eerst als de gevoelstemperatuur onder het vriespunt zakt. Dan mogen álle daklozen naar binnen, met en zonder recht of indicatie.2 Voor het tweede jaar op rij staan bussen klaar op het Centraal Station om mensen naar de opvang te pendelen. Wanneer in de vroege avond de eerste bus is gevuld, vallen de meeste passagiers onder de gloed van de verwarming meteen over hun rugtas heen in slaap.
In een groot verlaten kantoorgebouw vormen de dakloze mannen een rij voor de ingang. Hun tassen worden gecontroleerd, namen en ID-kaarten genoteerd, en iedereen moet op de foto. Na registratie gaan ze naar twee aparte vleugels van het gebouw: een voor ‘EU-citizens’ en een voor ‘global citizens’.3
Acht jaar geleden bestond de koudweer-opvang in Utrecht nog slechts uit het bijzetten van een paar veldbedden bij de reguliere opvang.4 Maar vorig jaar opende een apart gebouw met plek voor 175 mensen.5 Dit jaar is dat uitgebreid naar 200.
Wat de rest van het jaar ontkend kan worden, laat zich tijdens de ijzigste weken niet meer wegstoppen. Mensen die zich een jaar lang knap hebben verstopt, melden zich plots of worden met zaklampen opgespoord. Wilbert ziet oude bekenden van vorig jaar, en ook nieuwe gezichten. ‘Dit is voor mij de mooiste tijd,’ zegt hij. ‘Nu mogen we even iedereen helpen.’
De rest van het jaar ligt dat ingewikkelder.
Overvolle daklozenopvang
Nederland komt aarzelend tot het inzicht dat het een escalerend daklozenprobleem heeft. Vorig jaar berichtte het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dat het aantal daklozen sinds 2009 is verdubbeld naar 33 duizend.6 Een zware onderschatting,7 daarom kwam een groep onderzoekers dit najaar met een eigen telling, samen met honderden organisaties verspreid over het land – waaronder artsen, scholen, verloskundigen, boswachters en havenopzichters.8
Die telling liet zien dat het aantal daklozen twee tot drie keer zo hoog ligt.9 Meer dan één procent van de bevolking in Amsterdam en Den Haag blijkt dakloos.10 In kleinere gemeenten als Ede, Steenwijkerland en Den Helder verschenen na deze ‘ETHOS-telling’ honderden mensen op de radar.11 Er trok een schokgolf door het land toen voor het eerst dakloze kinderen op straat werden geteld.12 De telling bevestigt wat hulpverleners al lang zien: elk jaar komen er meer mensen bij en overheidsbeleid loopt hopeloos achter.
De daklozenopvang zit overvol. Gemeenten weren mensen die een plek zoeken steeds hardvochtiger met criteria als ‘zelfredzaamheid’ en ‘verwijtbare dakloosheid.’ Uit onderzoek van Investico en De Groene Amsterdammer blijkt dat 122 mensen vorig jaar met een advocaat naar de rechter stapten om de opvang in te komen.13 Rechterlijke uitspraken laten zien dat zelfs de meest kwetsbare daklozen, waaronder chronisch zieken, zwangere vrouwen en kinderen, willekeurig worden geweigerd.14
We deden een half jaar lang onderzoek naar dakloosheid. We trokken het land door, liepen mee op straat, bezochten tentenkampen, campings, vakantieparken, hotels en braakliggend terreinen aan de randen van de stad. We vonden slaapplekken als elektriciteitshuisjes en dixies. Mensen die, eenmaal weggestuurd bij de opvang, met hun kinderen in portieken, achtertuinen of garages sliepen. Sommige volgden we langer in hun strijd voor een huis, een bed in de daklozenopvang, of een plek daarbuiten.
Verborgen daklozen
In Sittard bukt Tom Kors onder takken door, wijst naar iets in de verte en loopt een helling op. Een camera volgt hem. Sittard heeft meegedaan aan de ETHOS-telling. Maar dat het er 289 zouden zijn, hadden ze nooit verwacht. Dus stelde de gemeente Kors aan als veldwerker en voorzag hem van alle gereedschappen om duidelijkheid te krijgen. Kors plaatst de video’s online van zijn zoektochten, ondersteund door een aanstekelijk muziekje, zodat zoveel mogelijk mensen hem weten te vinden als ze ergens een tentje zien staan. Kors ziet tussen de bomen blauwe doeken hangen. Dat moet een provisorische beschutting zijn, het gekleurde stoeltje dat eronder staat is verlaten. Soms legt hij grote takken neer midden op een pad. ‘Op verschillende tijdstippen ga ik langs om te kijken of de tak verschoven is. Dan weet ik of er volk geweest is.’
Aan de muur in zijn werkkamer hangt een kaart van de omgeving. ‘In Maastricht kun je rondlopen en kom je ze tegen. Hier kun je lopen wat je wil, maar alles ligt zo ver uit elkaar.’ Kors tekent pijltjes bij plekken waar mensen verblijven, of waar hij een melding over heeft gehad. ‘Mensen verblijven verstopt in struiken en bouwen daar een tentje. Je moet heel goed zoeken.’
Kors kent niet alle 289 mensen die in Sittard zijn geteld. Volgens het ETHOS-onderzoek leeft namelijk maar tien procent van de dakloze mensen daadwerkelijk op straat.15 Het grootste deel is ‘verborgen’. Mensen slapen in auto’s en caravans, of tijdelijk bij iemand op de bank.
Ontkennen van probleem
Lang niet elke gemeente komt in actie na de daklozentelling. In het Brabantse Oirschot sprak een man die zelf iemand opvangt, de gemeenteraad toe over de 72 daklozen in het dorp. Hij wilde weten wat de politiek er aan ging doen. ‘Ik ken plekken in de wereld waar daklozen zijn’, reageerde een raadslid van een lokale partij, ‘maar ik heb dat in onze gemeente nog nooit ervaren.’16
De gemeente zegt niet te weten waar de getelde mensen oorspronkelijk vandaan komen en of dat wel Oirschot is. Daar gaan ze geen onderzoek naar doen. ‘Het doel van de telling was om de omvang van dakloosheid beter in beeld te brengen’, meldt de gemeente. ‘Niet om actief op zoek te gaan naar inwoners die mogelijk ondersteuning nodig hebben.’
Ook op Urk wordt koppig ontkend dat er een daklozenprobleem is.17 Straatwerker Auke van Slooten loopt regelmatig door het vissersdorp om contact te maken met dakloze mensen. Maar dat wilde de gemeente niet meer, dus schrapte ze zijn functie. In het dorp lossen ze het snel onderling op als iemand dakloos raakt. Dat moet ook, want de gemeente wil absoluut geen opvang. Bang voor een ‘aanzuigende werking’ en mensen kunnen gewoon naar Almere, zestig kilometer verderop.
Van Slooten ziet veel jongeren bij wie verslaving en dakloosheid in elkaar grijpen. Al jaren vraagt hij om rioolonderzoek om te zien hoeveel cocaïne er echt wordt gebruikt. ‘Maar ook dat wil de gemeente niet’, zegt hij. ‘Ze zijn bang dat het in de media komt.’ Onzichtbaarheid is ook hier een manier om te kunnen blijven zeggen dat er geen probleem is.
Oirschot, Urk en Sittard zijn slechts enkele van de vele tientallen gemeenten buiten de grote steden waar dakloosheid toeneemt. In Ede verdubbelde het aantal mensen in de dagopvang in één jaar tijd en is er inmiddels een straatarts. Terneuzen zette extra opvangbedden bij in de winter en Den Helder opende een tweede dagopvang.
Producenten dakloosheid
Waar vroeger verslaving of ernstige psychische problemen de belangrijkste redenen voor dakloosheid waren, kan tegenwoordig elke grote levensgebeurtenis daartoe leiden. De meest voorkomende oorzaken zijn een scheiding, familieruzie, financiële problemen of een onveilige thuissituatie.18 Door de woningcrisis en het wegvallen van de sociale huurwoning als vangnet hebben dit soort veranderingen plots een harde consequentie: wie zijn huis verliest, vindt geen nieuwe.
Dakloosheid hangt ook vaker samen met het verlaten van instellingen als jeugdzorg, de gevangenis en de ggz zonder dat er een vervolgplek is.19 Instellingen die mensen langdurig uit de samenleving halen, zijn tegenwoordig belangrijke producenten van dakloosheid.
Tegelijkertijd wordt tijdelijk een dakloze in huis nemen afgestraft: met de participatiewet werd elf jaar geleden de zogenoemde ‘kostendelersnorm’ voor de bijstand geïntroduceerd. Stelt de gemeente vast dat er meerdere volwassenen op een adres wonen? Dan daalt je uitkering.20 Hierdoor is een logeerbed aanbieden aan familie of vrienden voor burgers in de bijstand financieel onaantrekkelijk gemaakt.
Daar komt bij dat hulpverleners en gemeenten de afgelopen zes jaar een toename zien van het aantal arbeidsmigranten op straat. Zij raken vaak dakloos als ze ontslagen worden, omdat hun huisvesting meestal aan het werk is gekoppeld. Van alle mensen die op straat slapen is ruim de helft arbeidsmigrant, zij mogen vrijwel nooit de Nederlandse opvang in. 21
‘Niet erg genoeg’
Het is hartje winter 2022 als er wordt aangeklopt bij een vervallen huisje op een afgelegen boerenerf, ergens buiten Groningen. Rowena schiet overeind. Ze veegt een spoor speelgoed van de bank, trekt jassen en kinderschoenen uit het zicht en schuift ze haastig de kelder in.
Als ze de deur opendoet staan er twee jonge vrouwen op de stoep. ‘We komen even kijken hoe het hier gaat.’
Binnen is het bijna net zo koud als buiten. Rowena woont hier met haar kinderen van twee en vijf. Terwijl de vrouwen hun jassen uittrekken, voelt ze haar hartslag in haar keel: als ze maar niet hun handen willen wassen. Er is geen verwarming, geen stromend water en geen elektriciteit. Pannen staan op het fornuis, alsof er net gekookt is.
Wat de hulpverleners niet zien: dat het kozijn eruit is gehaald omdat de boer ‘het zou vervangen’, en dat de wind sindsdien rechtstreeks door de woonkamer blaast. Dat de kinderen in skipakken rondlopen. Dat het stapelbed voor de kinderen er vooral staat voor de vorm, want ’s nachts liggen ze met z’n drieën op matrassen voor de kachel, dicht tegen elkaar aan, om warm te blijven. Dat ze de was doet bij de wasserette bij het tankstation, omdat er geen wasmachine is en dat je, als je ’s ochtends uitademt, wolkjes ziet van de kou.
De twee vrouwen staan hier niet omdat Rowena om hulp vroeg, maar omdat haar ex een melding deed bij Veilig Thuis, vertelt ze. Volgens hem was er sprake van een ‘ongeschikte woonsituatie’.
Bij het huisje van Rowena komen meerdere keren hulpverleners langs. ‘Soms stonden ze onverwachts voor de deur. Ik was zo bang dat mijn kinderen bij me weggehaald zouden worden’. Later leest ze in de verslagen dat er ‘adequaat kinderspeelgoed’ aanwezig was en dat de kinderen ‘seizoenspassende’ kleding aan hadden. 22
‘Het voelde zó raar,’ zegt Rowena . ‘Ze komen mijn woonsituatie beoordelen, terwijl de reden dat ik hier beland ben door hém komt.’
Een paar maanden eerder is het volledig misgegaan. ‘Hij greep mij bij de keel’, vertelt Rowena. Ze krijgt geen lucht meer. ‘Ik weet nog dat ik dacht: dit is het.’ Ze komt los omdat haar zoon van vijf hem afleidt. Rowena grijpt haar kinderen, rukt een deur open, rent weg.
Ze vertrekt zonder spullen. Geen tas. Geen luiers. Geen geld. Ze vlucht naar vrienden in de buurt. Haar ex wordt een paar dagen later opgepakt door de politie en krijgt een huisverbod van 28 dagen.
Ze belt naar de vrouwenopvang, de plek waar vrouwen heen kunnen als ze moeten vluchten voor huiselijk geweld. Haar hulpverleners vinden dat haar situatie ‘niet erg genoeg’ is en dat ze zich nog wel ‘zelf kan redden’. ‘Ze zeiden dat we er met mediation nog wel uit zouden komen.’ Via de schoonmaakster van haar oude buurman belandt ze in een verwaarloosd huisje op een boerenerf.
Keuringsapparaat
Rowena is lang niet de enige dakloze moeder die wordt ontmoedigd of zelfs weggestuurd bij de opvang. De notie van een daklozenopvang waar je verwelkomd wordt met een stomend kopje soep en in een piepend stapelbed terecht kunt is achterhaald. De gemeente onderzoekt eerst of iemand recht heeft op opvang.23 Door het tekort aan opvangplekken tuigden gemeenten een keuringsapparaat op, vol gedetailleerde voorwaarden waar hulpvragers aan worden getoetst. In december onthulde Investico al hoe in ten minste negen gemeenten dakloze vrouwen met hun kinderen worden weggestuurd.24
Uit dossiers blijkt dat het leven van een dakloze tot in detail wordt doorgelicht aan het loket. Screenings staan vol onverwachte vragen: wat is je Cito-score? Hoe verwerk je post? Hoe verplaats je je buitenshuis?25 Loketmedewerkers grijpen alles aan om iemand te bestempelen tot ‘zelfredzaam’. Want dan bestaat er volgens de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) geen recht op opvang en kan op ‘eigen kracht’ een woning bemachtigd worden.26
Advocaten en hulpverleners zien tegenwoordig ook de term ‘verwijtbaar dakloos’ opduiken in afwijzingen.27 Mensen die door hun ‘eigen schuld’ dakloos raken, mogen de opvang niet in. Maar wanneer is dakloosheid verwijtbaar?
Bovendien bieden gemeenten daklozen met een migratieachtergrond standaard een vertrekregeling aan, melden advocaten.28 Dat komt neer op een vliegticket, voor mensen met een geldig verblijfsrecht of Nederlands paspoort, naar een land waar ze eerder verbleven. Rechters oordeelden regelmatig dat zo’n vertrekregeling onterecht is, omdat de dakloze soms al langer dan tien jaar (weer) in Nederland is, of omdat een Nederlands kind zo gedwongen wordt het land te verlaten.
De toegang tot de opvang is dusdanig dichtgetimmerd met voorwaarden dat daklozen naar een advocaat stappen. Uit een inventarisatie onder sociaal advocaten blijkt dat zeker 122 daklozen vorig jaar een rechtszaak startten om een bed in de opvang te bemachtigen.29 Zo wordt een plek waar je hoopt nooit terecht te komen nu zwaar juridisch bevochten.
Meer dan honderd openbare rechtelijke uitspraken van de afgelopen drie jaar laten zien dat ook de meest kwetsbare daklozen aan gemeenteloketten worden geweigerd, ondanks de stapels aan protocol.30 Vaak zonder screening en als er wel een screening plaatsvindt, worden belangrijke signalen genegeerd. Zo werden daklozen met zware psychische problematiek, zoals PTSS of een persoonlijkheidsstoornis, na een screening weggestuurd.31 Net als mensen met ernstige lichamelijke ziektes, zoals HIV of kanker.32 De medische behandeling van tenminste één vrouw werd uitgesteld omdat ze geen opvangplek en geen ‘hygiënische verblijfplaats’ had om te ‘herstellen’.33
Ook als je zwanger en dakloos bent, hoef je niet te rekenen op een bed. Sinds 2023 stuurden gemeenten minstens acht zwangere vrouwen weg. ‘Een zwangere cliënt van mij was door haar vader uit huis gezet,’ vertelt advocaat Else Weijsenfeld. ‘Ze bleef zo lang mogelijk hangen op haar werk en sliep daarna in de nachtbus.’ Pas na een procedure tegen de gemeente kon de vrouw de opvang in.34
Zelfs dakloze kinderen worden uit de opvang geweerd. Gemeenten reageerden geschokt toen uit de ETHOS-telling bleek dat er dakloze kinderen op straat leven. Amsterdam noemde het ‘volstrekt onacceptabel.’35 Den Haag zou ‘tot op de bodem’ uitzoeken waar deze kinderen zijn.36 Maar uit de uitspraken blijkt dat diezelfde gemeenten dakloze kinderen al langer terug de straat op sturen. Sinds 2023 weigerden gemeenten verspreid over het land zeker 95 kinderen, zo blijkt uit de uitspraken, onder wie één slachtoffer van huiselijk geweld en kinderen met een ontwikkelingsstoornis.37 De Amsterdamse wethouder Rutger Groot Wassink laat in een reactie weten dat hij niet herkent dat er kinderen worden geweigerd. ‘Maar ik erken dat er situaties zijn waar mensen geen recht hebben op opvang. Ook kinderen.’
De wettelijke criteria voor opvang zijn gebaseerd op het idee dat wie zelfredzaam is, zelf een woning moet kunnen vinden, maar dat is onmogelijk in de huidige woningcrisis. Ook rechters lijken dit te erkennen. In 2024 constateerde de Centrale Raad van Beroep in een uitspraak dat steeds meer ‘zelfredzame’ dakloze mensen op grond van de Wmo geen recht hebben op opvang, maar wél een dak boven hun hoofd nodig hebben.38 Maar rechters kunnen nu eenmaal niet eindeloos de wet oprekken.
Zelfs als gemeenten erkennen dat iemand wél recht heeft op opvang, krijgt die vaak alsnog geen bed. In de drie grootste steden word je als dakloze door tekorten op een maandenlange wachtlijst geplaatst. In Amsterdam krijgen wachtenden ‘wachtlijstbegeleiding’, maar ook daar zijn tekorten. Inmiddels is er een wachtlijst voor wachtlijstbegeleiding aangelegd.39
Kortstondige utopia
‘Ik ben totaal niet gespannen.’ Dave trekt zijn winterjas uit en tovert er een driedelig pak onder vandaan, met Balenciaga-sneakers. Weliswaar bijeengeraapt maar toch stijlvol. Aan zijn vingers glimmen dikke ringen, om zijn nek hangt een ketting. ‘Homeless deluxe,’ noemt hij zichzelf. ‘Volgens mij ben je hartstikke gespannen’, zegt Linda, veldwerker bij het Leger des Heils en vandaag tevens Dave’s kapper. Zijn haar moet goed zitten in de rechtbank vanmiddag.
De rechtszaak die Dave voert gaat niet over opvang, maar over zijn tentenkamp waar hij al vijf maanden woont samen met een groep Oost-Europese arbeidsmigranten. De gemeente Utrecht wil het kamp ontruimen.
Drie jaar geleden raakte Dave dakloos toen hij zijn huis opzegde om bij zijn vriendin te gaan wonen. Dat ging mis. Zij bedacht zich op het laatste moment en hij belandde op straat. Hij meldde zich bij de opvang in Maastricht, die hem een treinkaartje naar Utrecht gaf. Daar sliep hij in de nachtopvang, waar hij na drie maanden werd uitgezet vanwege een vermeende mishandeling (de rechter sprak hem uiteindelijk vrij). Dave begon te zwerven, sliep met zijn tentje in de bossen, totdat een vriend op straat hem wees op een veldje aan de rand van Utrecht, ingeklemd tussen het spoor en een weg.
Eind mei 2025 sloeg hij daar zijn haringen in de grond, anderen volgden. Voor Dave het wist, groeide het kamp uit tot een klein dorp, met zo’n tien tenten, een vouwwagen, een vluchtig getimmerd schuurtje dat dienst deed als keuken en een houten poort die dit alles scheidde van de buitenwereld. Twee kippen scharrelden er op een erfje dat bezaaid was met fietsen, bouwmaterialen, gereedschap en andere parafernalia. ‘Een eigen plek, waar ik me sinds lange tijd veilig voelde en niet werd opgejaagd door boa’s of politie’, vertelt Dave.
Nu kijkt hij met weemoed terug op zijn kortstondige utopia. ‘We barbecueden, stookten vuurtjes, maakten grappen. Het voelde echt als een community’, vertelt hij. Dave was de leider en tooide zich met de bijnaam ‘Koning van de Daklozen’. ‘Mensen zeggen dat ik van nature een leider ben.’ En dus golden er regels. ‘Mensen moesten zich inspannen, pallets verzamelen, onkruid wieden. Ik wilde een fijne plek creëren.’
Bij ons eerste bezoek aan het kamp, enkele weken voor de rechtszaak, liepen we er de verantwoordelijke wethouder voor dakloosheid tegen het lijf. Die wees op de bonte verzameling van spullen en afval op de grond. ‘Dit is toch mensonterend?’
Zodra de gemeente aanstalte maakte om te ontruimen, regelde Dave een advocaat. Vandaag voert hij het woord in de rechtszaal, strijdbaar en trots. ‘Ik denk niet dat iemand anders dit had kunnen klaarspelen, de meesten hadden over zich heen laten lopen.’
Tentenkampen zoals die van Dave ontstaan in heel Nederland, opgezet door mensen die om verschillende redenen niet in de opvang terechtkunnen. Gemeenten grijpen vaak pas in als de kampen te zichtbaar worden en omwonenden klagen over overlast. Zo liet de gemeente Almere vorig jaar een kamp maandenlang ongemoeid, totdat het zich uitbreidde over een fietspad. Uit onze inventarisatie blijkt dat verspreid over het land nog minstens negen andere tentenkampen zijn ontruimd in het afgelopen jaar. Onder meer in Alkmaar, Nijmegen, Leiden en Maastricht.
Oplossing voor woningtekort
Wie het kan betalen, kan ook zijn tent op een camping neerzetten of een stacaravan huren op een vakantiepark. Vorig jaar telde het CBS bijna 60 duizend inschrijvingen als woonadres op vakantieparken.40 Alleen al in Gelderland, de provincie met de meeste parken, gaat het om bijna 10 duizend inschrijvingen.41 ‘Voor sommigen is dat een bewuste keuze’, vertelt een betrokken ambtenaar. ‘Maar het merendeel zit er uit noodzaak. Voor hen is een vakantiepark de laatste halte voor de straat of de noodopvang.’
Het gaat dikwijls om vergane oorden, zonder voorzieningen als een zwembad, tennisbaan of trampoline; plekken waar de tand des tijds en uitblijvend onderhoud hun sporen nalieten.
‘Niet-vitaal’, heet dat in ambtelijk jargon. De afgelopen jaren zetten provincies en gemeenten in op het ‘vitaliseren’ van deze parken, onder meer door streng te handhaven tegen permanente bewoning.42 Het nieuwe kabinet wil bewoning op vakantieparken nu echter legaliseren als oplossing voor het woningtekort, tot grote onvrede van provincies en gemeenten.
Tegelijk zijn er ook gemeenten die vakantieparken juist inzetten als ze geen plek meer hebben in hun overvolle opvang. In Zevenaar en Groesbeek vertellen beheerders dat ze regelmatig door gemeenten worden benaderd met de vraag of ze tijdelijk iemand op kunnen vangen. Op een camping in Zoetermeer spraken we een dakloze vader die van de gemeente Den Haag geen voorrang kreeg op een sociale huurwoning, maar wel een bijdrage om een grotere caravan te kopen zodat er meer ruimte was voor zijn drie kinderen.43
Op huurtoeslag en huurbescherming hoeven bewoners van een vakantiepark niet te rekenen. Wie pech heeft, treft ook nog een grillige eigenaar. We vonden voorbeelden van mensen die moesten vertrekken vanwege hun honden of tattoos in hun gezicht, of voor wie de slagboom plotseling werd geblokkeerd.
Opvang in een hotel
Ashraf, een Hindostaanse man van midden dertig, ontvangt ons op het dak van een hotel langs de A2 van Amsterdam waar hij al acht maanden woont. Beneden in het restaurant wil hij liever niet zitten. ‘Iedereen kent me hier nu.’ zegt hij. Terug van werk neemt hij vanaf de garage meteen de lift omhoog, zodat hij niet langs de receptie hoeft.
In 2015 raakt Ashraf met zijn gezin zijn huis kwijt door toeslagenschulden. ‘Door die blauwe brieven konden we de huur gewoon niet meer betalen.’ De dag van ontruiming herinnert hij zich nog goed, hij was 24 en zijn dochter vier jaar oud. ‘Overal waar foto’s hadden gehangen moesten we de gaten in de muren dichten.’ Ashraf’s relatie sneuvelt en zijn ex-vriendin verhuist met hun kinderen naar familie. Hij kan eerst bij zijn ouders terecht, maar belandt daarna alsnog op straat en zwerft een jaar lang rond. Slapen doet hij in zijn auto of in een verlaten kantoorpand.
Tot hij van de Belastingdienst de mededeling krijgt dat hij erkend toeslagengedupeerde is. ‘Ik kreeg een brief vol mooie beloften over hoe ze me weer op de rit gingen helpen,’ vertelt hij. Een speciaal team bij de gemeente dat is opgericht om gedupeerde ouders te helpen, plaatst hem in een hotel en vraagt urgentie voor hem aan.
Maar die urgentieaanvraag wordt afgewezen.44 Een ander gemeenteteam, verantwoordelijk voor de urgentie-indicaties, ziet geen ‘causaal verband’ tussen de toeslagenaffaire en zijn dakloosheid. Intussen zit Ashraf nog steeds in het hotel aan de A2, dat elke twee weken wordt verlengd.
Gemeenten in het hele land wijken uit naar hotels voor daklozenopvang. Vaak uit ‘coulance’ of nood en nooit iets waarop daklozen zich op kunnen beroepen. In Den Haag liepen in 2024 de kosten voor het opvangen van dakloze gezinnen op tot tien miljoen euro, dit kwam vooral door kosten voor hotelkamers.45 Inmiddels heeft die stad een aanbesteding uitgeschreven om in de komende jaren nog eens 40 miljoen euro uit te geven aan hotelopvang voor daklozen.46
Op zijn telefoon laat Ashraf een overzicht zien van de hotelkosten voor hem alleen tot nu toe: ruim 40 duizend euro. Zijn hotel werd 21 keer verlengd.47
Zijn kleding bergt hij nog steeds zorgvuldig op in koffers die hij op elkaar stapelt. In de hoek van zijn kamer staat een roze koelkast op wieltjes waar hij zijn diabetes-medicatie in bewaart. De wieltjes zijn handig, want bij bijna elke verlenging van het hotel moet Ashraf naar een andere kamer. ‘Ik heb al op zeven verdiepingen gezeten.’
Dat verlengen gaat vaak mis. Meermaals stond Ashraf bepakt en bezakt bij de receptie nadat schoonmakers hem uit zijn kamer hadden gezet. De gemeente was vergeten te betalen.48 Een ambtenaar vertelde Ashraf’s hele verhaal aan de receptie zodat het hotel hem er niet uit zet. Ashraf schudt zijn hoofd. ‘Je weet niet hoe beschamend het voelt als er zo over je wordt gepraat.’
Vanaf het dak van het hotel kijkt Ashraf uit op de weilanden aan de rand van de stad. Het is januari en hij zit nog steeds vast. De snelweg raast onder hem door. ‘Ik heb geen uitzicht op wanneer het stopt. Ik kan niet verder kijken dan de komende twee weken.’
Voorwaardelijke hulp
Dat er een alternatief moet komen voor een tekortschietende stelsel dringt inmiddels bij overheden door. Al in 2022 stelden ministeries het ‘Nationale Actieplan Dakloosheid’ op dat als doel heeft ‘om in 2030 nul daklozen te hebben’.49 Het systeem moest volgens die plannen zelfs volledig op de schop. Het Rijk zette in op ‘Wonen Eerst’: geef mensen zo snel mogelijk een gewone woning met een huurcontract op eigen naam. Hierdoor volgt er stabiliteit die rust en ruimte geeft om eventuele andere problemen, psychisch of verslavingen, op te lossen. In Finland, waar dit beleid breed is ingevoerd, daalde dakloosheid tussen 2008 en 2024 met ongeveer 70 procent50. De aanpak is bovendien goedkoper omdat zorg- en opvangkosten dalen.51
Wethouders verspreid door het land lopen er mee weg. Maar tussen die papieren bestuurlijke wereld en de praktijk gaapt een flinke kloof. Terwijl het Finse ideaal voorschrijft dat je juist geen aanvullende contractvoorwaarden moet stellen, stoppen Nederlandse gemeenten hun huurcontracten vol met extra eisen, zorgvoorwaarden en begeleidingsplannen.
Uit onze inventarisatie blijkt: niemand durft het werkelijk aan om (voormalig) daklozen ‘zomaar’ een sociale huurwoning te geven. Nergens in het land wordt de ‘Wonen Eerst’-aanpak volledig doorgevoerd. Als je dakloos bent geweest, is een huurwoning in eerste instantie nooit écht van jou. In Amsterdam is ‘een zinvolle daginvulling’ vaak een voorwaarde voor een huis, in Almere kan de woningcorporatie het huurcontract na twee jaar opzeggen als de ‘woondoelen’ niet behaald zijn. En in Delft staat in een huurcontract dat een bewoner niet ‘onnodig lang in stilte (boos) omwonenden [mag] aankijken’. Houd je je niet aan de voorwaarden? Dan moet je de woning weer uit. Zelfs in Den Bosch, dat uitgroeide tot hét voorbeeld van de Wonen Eerst- Aanpak, zijn huurcontracten in eerste instantie tijdelijk en voorwaardelijk. Zo moeten bewoners in ieder geval een half jaar begeleiding krijgen en hun logees aanmelden. ‘Schijnzelfstandigheid’, noemt een hulpverlener het.
Het gevolg is dat mensen die geen zorg willen of nodig hebben, niet in aanmerking komen voor een woning via Wonen Eerst. Het leidt ook tot nieuwe praktische problemen. Zo kon de gemeente Amsterdam niet genoeg zorgbegeleiders vinden, dus lukte het niet om tweehonderd geplande woningen aan daklozen te geven. Volgens een voortgangsrapportage van het Actieplan zitten gemeenten in een vicieuze cirkel waarbij er steeds meer daklozen bij komen, de druk op de opvang toeneemt en meer mensen buiten de boot vallen. Ondertussen stampen ze een veelheid aan pilots en projecten uit de grond die dakloosheid eerder lijken te managen dan op te lossen.
Woonsituatie ongeschikt
Rowena verblijft al een jaar op het boerenerf, ze heeft maanden geen elektriciteit en stromend water. Ze doucht met haar kinderen bij familie of in de sportschool van vrienden. Ondanks de schimmel in het huisje en de gezondheidsklachten die zij en haar kinderen daarvan krijgen, probeert ze er het beste van te maken.
Regelmatig rijdt haar ex langs het erf en op een avond stormt hij naar binnen. Hij wil de paspoorten van de kinderen hebben. Hij duwt haar hardhandig, zodat ze valt op de tafel. Na deze mishandeling doet ze opnieuw een aanvraag bij de vrouwenopvang. Eerst krijgt ze te horen dat die vol zit. 52 Maar wanneer ze in een formulier opnieuw haar situatie uitlegt verandert hun reactie. Er is nu, vertelt ze, ‘acute nood’, ze mag per direct naar de opvang.
Uit gesprekken met daklozen, hulpverleners en advocaten komt dat patroon steeds terug. Zolang je situatie nog ‘te goed’ oogt, is er geen plek. Pas wanneer het escaleert en iemand volledig aftakelt is er hulp beschikbaar.
Rowena slaapt in de opvang nog steeds met haar twee kinderen in één bed. Ze durven niet alleen. Na drie jaar en elf rechtszaken tegen haar ex krijgt ze eindelijk het eenhoofdig gezag, maar blijft onder toezicht staan.53 De kinderen leven volgens Jeugdbescherming nog altijd in onrust. Tijdens de rechtszaken gaat het ook over haar ‘woonsituatie’. De Raad voor de Kinderbescherming vraagt zich hardop af waarom ze naar de vrouwenopvang is verhuisd zonder overleg met de vader.54
De rechter en hulpverlening vinden haar woonsituatie ongeschikt: de vrouwenopvang telt niet als ‘eigen plek’ en dat zou een risico zijn voor de kinderen. 55 ‘Ik vluchtte voor mijn veiligheid, toen belandde ik op straat en nu wordt dit tegen mij gebruikt. Dat had ik nooit verwacht,’ verzucht Rowena.
Wie wel, wie niet
Ondertussen moeten hulpverleners steeds moeilijkere keuzes maken. Wie is ernstig genoeg en krijgt vandaag een bed, en wie moet de straat op? Wij spraken met hulpverleners uit verschillende gemeenten die vertellen dat collega’s onder deze druk het vak verlaten of uitvallen.
‘Het is triage,’ zegt een medewerker van een daklozenloket. ‘In tien minuten moet ik inschatten: wie redt het nog, en wie niet?’ Aan het eind van de dag staat ze met haar collega’s te discussiëren wie de laatste plek krijgt: een zwangere vrouw of iemand met een psychose? Het voelt steeds willekeuriger. ‘Of je naar binnen mag hangt af van wie je treft. Opvang hoort geen gunst te zijn, maar een recht.’
Hulpverleners kennen ook dakloze mensen die op straat overlijden. Zo vertelt een man dat het zijn grootste nachtmerrie is om iemand weg te sturen die vervolgens op straat sterft. Een andere hulpverlener vertelt dat er geen nazorg is na een overlijden. ‘De volgende dag moet je weer aan de balie beslissen wie wel en wie niet.’
Andere hulpverleners verharden juist. ‘Ik zie mijzelf tegenwoordig meer als handhaver’, zegt hulpverlener Linda Eising van WIJ Groningen. Onder de overkapping in de Groningse stationshal trekt ze haar handschoenen aan. Ze werkt sinds begin deze eeuw met dakloze mensen. Elke woensdagochtend maakt ze een ronde met handhaving door de stad.
De tijd dat Eising elke dakloze bij naam kende is allang voorbij. Sinds 2021 verdubbelde in Groningen het aantal mensen op straat van 125 naar 270.56 ‘Het is rustig’, zegt ze op het station. ‘Soms liggen hier twaalf, dertien man.’ Dan rijdt de bakfiets van het Leger des Heils binnen, met koffie en broodjes. ‘De ontbijtfiets’, zucht een collega. ‘Het lijkt hier wel bed & breakfast.’ Eising zucht mee. ‘Zo gaan ze nooit meer weg.’
Niet veel later vindt ze een man, slapend in een portiek. Ze klapt haar telefoonhoesje open. ‘Even een foto.’ Daarna roept ze: ‘Goedemorgen.’ Geen reactie. Vanaf een paar meter afstand ruik je urine. ‘Hij ligt in z’n eigen poep’, zegt Eising. ‘Dit is het huis van z’n familie maar daar mag hij niet meer naar binnen.’ ‘Wil je niet naar een andere plek?’ vraagt ze in een laatste poging. Maar de man beweegt niet. Dus lopen we door.
Verderop zit een vrouw in een steeg met een biertje in haar hand. ‘Die zag ik gister ook’, zegt Eising. ‘Ze had een drugsloopje.’ Eising stapt af. ‘Did you sleep here last night?’ Geen reactie. Ze probeert het in het Duits. Dan, ineens: ‘Ik ben gewoon Nederlands hoor.’
‘Wat is je plan?’ vraagt Eising. ‘Het is koud.’ De vrouw haalt haar schouders op. Ze had om opvang gevraagd, maar dat krijgt ze hier niet. ‘Waar stond je ingeschreven?’ ‘Assen,’ zegt de vrouw. Eising knikt. ‘Dan doen we hier niks voor je. Dat zijn de regels’.
Op haar fiets vertelt ze hoe haar werk de afgelopen jaren nogal is veranderd. ‘Het zijn er te veel geworden. Ik kan niet meer met iedereen een band opbouwen. Alleen wie echt wil, kan ik helpen, dat zie ik snel. Bij de rest denk ik: hier verdoe ik mijn tijd niet aan.’ Ze wijst naar een groep mannen verderop. ‘Die Polen bijvoorbeeld? Die ken ik niet. Maar je struikelt er tegenwoordig wel over.’
‘This was our home’
Het is twee weken na de rechtszaak over het tentenkamp in Utrecht en het vonnis komt nét binnen. ‘Fuck man, we lost!’ roept Rufus, een Poolse arbeidsmigrant, naar Dave. ‘We have to go back on the streets now.’ Rufus heeft een telefoon in zijn hand en houdt een appje van zijn advocaat omhoog. ‘Oké,’ mompelt Dave. ‘Vanavond chaos bouwen buiten de stad. V for Vendetta.’ Zijn frustratie komt er ingehouden uit, maar zijn lijf staat strak.
Het kamp staat op gemeentegrond en volgens de gemeente zijn er alternatieven: opvang en zorg waar ze ‘aanspraak op kunnen maken’. ‘This was our home!’, roept Rufus gefrustreerd. ‘Het begon als een plekje om te wonen,’ zegt Dave. ‘Maar het is nu een strijd geworden voor iedereen op straat.’ Rufus loopt haastig heen en weer. ‘Give me cigarette,’ zegt hij. Hij schuift met stoelen, smijt wat spullen op de grond. De afgelopen maanden waren emotioneel zwaar, zegt Dave. ‘s Nachts heb ik vaak uren gehuild op een bankje. Dit is de zoveelste keer dat ze me ergens wegjagen.’
Op het eind ontaardde Dave’s kamp in anarchie. ‘Het werd een bende,’ zegt hij. ‘Voor de media heb ik het mooi gehouden, maar als ik dan terugkwam op het kamp was dat een andere realiteit. Er zaten drugsdealers, er werd gestolen en er was zelfs een steekpartij.’
Nu is het kamp verlaten en uitgestorven. De tenten die er nog wel staan, zijn op een haar na weggespoeld na hevige regenval. In een oude badkuip brandt een vuurtje dat veel rook produceert. Overal liggen natte kleren. Het onderscheid tussen spullen en afval is verder vervaagd. ‘Mensen die zo op straat worden gegooid geven het naar verloop van tijd gewoon op’, zegt Dave. ‘Ze passen niet “in het straatbeeld”, zeggen ‘ze’ dan. Dat woord komt echt mijn strot uit, want wie bepaalt dat?’
Gemeenten doen hun best om dakloosheid zo veel mogelijk uit het zicht te houden. Daklozen krijgen gebiedsverboden, verplichte looproutes of boetes voor buiten slapen en bedelen. In Alkmaar verplaatste de gemeente bankjes57 en soms wordt dezelfde persoon wel drie keer op dezelfde dag beboet. ‘Een meer repressieve aanpak kan noodzakelijk zijn’, zegt een woordvoerder. ‘Juist om verdere maatschappelijke teloorgang te voorkomen’. In Rotterdam pakt men zelfs ‘bedelopbrengsten’ af.58 Arnhem ontdekte juist dat deze ‘overlastaanpak’ alleen maar leidde tot een verdere verspreiding van daklozen over de stad.
Met ‘regiobinding’ houden gemeenten dakloosheid buiten gemeentegrenzen. Daarmee wordt bedoeld: wie niet ingeschreven staat in de gemeente, krijgt sowieso geen opvang en moet terug naar waar die vandaan komt. Een enkeling wordt met een treinkaartje uitgezwaaid. Terwijl regiobinding onwettig is59, blijven gemeenten dit informeel toepassen. Ondertussen is je inschrijven als dakloze vaak heel moeilijk. Gemeenten weigeren mensen geregeld een briefadres, terwijl dit de eerste stap is naar hulp. Zonder adres geen papieren en zonder papieren geen hulp.
Aanpak ontbreekt
‘Op deze manier en met dit tempo gaan we het ambitieus gestelde doel van nul dakloze mensen in 2030 niet halen’. schrijven onderzoekers in een voortgangsrapportage van het Nationale Actieplan Dakloosheid. ‘Maar laat de ambitie als een soort magneet werken, om zo ver mogelijk in die richting te komen.’60 In het coalitieakkoord staat dakloosheid slechts één keer genoemd, in een bijzin over prefab-woningen als oplossing voor het woningtekort dat ook dit jaar nog oploopt.61 Een echte aanpak om dakloosheid tegen te gaan ontbreekt. Wie vandaag zijn woning verliest, is overgeleverd aan willekeur. Aan het gemeenteloket of daarbuiten aan de grillen van boa’s, tentenkampbazen of campingeigenaren.
We benaderden verschillende gemeenten over hun daklozenaanpak, maar vrijwel altijd bleven de deuren van het gemeentehuis gesloten. Rotterdam, Den Haag en Utrecht weigerden met ons in gesprek te gaan, net als Alkmaar en Urk. De wethouder van Rotterdam ontzegde ons zelfs toegang tot een opvang en blokkeerde het contact met ambtenaren.
Lokale politici hebben alleen maar te verliezen bij dit onderwerp, zo blijkt. Als ze ook maar iets doen aan daklozenopvang vrezen zij een ‘aanzuigende werking’ en woekerende gemeente-uitgaven die invreten op andere voorzieningen. Als ze niets doen, gebeurt er niets tegen een gestaag groeiend probleem dat op straat steeds zichtbaarder wordt.
Dus blijft de dans tussen de staat en straat er een van zichtbaarheid en onzichtbaarheid. Pas wanneer de dakloosheid zich nadrukkelijk aandient als ‘overlast’ of verloedering van ‘het straatbeeld’, grijpen gemeenten in. De daklozen verdwijnen dan even uit beeld, tot ze weer terugkomen. Nederland is een land van winnaars en verliezers aan het worden. De verzorgingsstaat is stapsgewijs een participatiesamenleving geworden, waarin zelfredzaamheid centraal staat. Het sociale vangnet kent grote gaten, en de medemenselijkheid met mensen die erdoorheen vallen raakt op.
Wie nu aanklopt voor hulp doet dat niet als slachtoffer van maatschappelijk, maar van persoonlijk falen. Als je niet wordt weggestuurd of ontmoedigd, dan is er hulp die vernederend werkt. Je moet ‘woonvaardigheden’ opdoen die worden gemonitord. Als je dakloos bent geraakt terwijl je een gezin had, dan wordt je ouderschap in twijfel getrokken. Hulp is verworden tot een hindernisbaan waarin je steeds opnieuw moet bewijzen dat je het ‘verdient’.
‘Houd vol’
Dakloze mensen in Amsterdam mogen één keer per jaar hun verhaal doen aan gemeenteraadsleden, tijdens een zogenaamd kapstokoverleg in de Stopera.62 Dit jaar zijn vijf van de 45 raadsleden aangeschoven. Het is vergadervrije week. Ashraf, die nog altijd in een hotel langs de A2 woont, zit ook in de zaal. Een van de laatste sprekers is Gavin. Zijn verhaal heeft hij zorgvuldig opgeschreven op papier.
Gavin werd begin vorig jaar opgenomen in een instelling voor zijn psychische en verslavingsproblemen. Na zijn behandeltraject wordt hij ontslagen uit de kliniek, maar hij heeft geen plek om naartoe te gaan. Hij meldt zich bij de gemeente voor opvang. Gavin heeft volgens de gemeente wel recht op een plek, maar die plek is er niet. Hij komt op een wachtlijst.
Vanaf de straat doet hij zijn best om clean te blijven, maar na maanden wachten en een strenge winter is de koek nu wel op. Gavin kijkt op van zijn papier naar de raadsleden. ‘Mijn vraag aan jullie is, is er iets dat ik beter had kunnen doen?’
Het blijft even stil. ‘Wil er iemand reageren op Gavin?’ vraagt de voorzitter. Dan klikt Judith Krom (Partij voor de Dieren) haar microfoon aan.
‘Nee Gavin,’ zegt ze. ‘Dat had je niet. Maar houd vol.’
Bij alle daklozen in dit stuk gebruikten wij uitsluitend voornamen. De naam van Ashraf is gefingeerd. Hulpverlener Wilbert wilde niet met zijn achternaam in het stuk. De volledige namen van alle bronnen zijn bekend bij de hoofdredactie.
OVER DIT ONDERZOEK
Dit verhaal is het resultaat van de Masterclass Onderzoeksjournalistiek van onderzoeksplatform Investico en weekblad De Groene Amsterdammer. Deze keer trokken vijf jonge journalisten met uiteenlopende achtergrond het land door. Ze liepen mee op straat, bezochten tentenkampen, portieken en caravans. Zij spraken met meer dan honderd dakloze mensen en minstens zoveel hulpverleners en advocaten. Ook bestudeerden ze 125 rechtszaken.
De begeleiding was in handen van Investico-hoofdredacteur Thomas Muntz, Groene-redacteur Coen van de Ven en Investico-redacteur Emiel Woutersen.
Investico werkt altijd samen met andere media. Zo versterken we de onderzoeksjournalistiek in Nederland.
-
Aantekeningen reportage 6 januari 2026. ↩
-
Koudweerregeling in Utrecht per 1 november weer van kracht (november, 2025). ↩
-
Aantekeningen reportage 19 november 2025. ↩
-
Aantekeningen reportage 19 november 2025. ↩
-
Koudweerregeling in Utrecht per 1 november weer van kracht (november, 2025). ↩
-
In 2009 schatte het CBS het aantal daklozen nog op 17.8 duizend. Begin 2025 schatte het CBS het aantal daklozen op 33 duizend. Zie 33 duizend mensen dakloos begin 2024 (CBS, januari 2025). Tussen 2018 en 2022 neemt het aantal daklozen even af, maar over 2019 zijn geen cijfers. Tijdens de corona-periode krijgen veel daklozen opvang. Vanaf 2022 loopt het aantal daklozen weer op. ↩
-
CBS telt alleen geregistreerde daklozen en maakt daarna een bijschatting. Ongeregistreerden (zoals ongedocumenteerden) maar ook kinderen worden niet meegeteld (CBS, januari 2025). ↩
-
Publieksrapportage derde ETHOS-telling (2025): 645 telorganisaties (pg. 10), verschillende telorganisaties (pg. 8). ↩
-
De Hogeschool Utrecht stelt dat na 3 telrondes er nog onvoldoende data is om met genoeg zekerheid een extrapolatie te maken naar een landelijk cijfer. Maar een ETHOS-onderzoeker meldt dat je met vertrouwen stellen dat de tellingen laten zien dat de werkelijke cijfers 2 a 3 keer zo hoog zijn als de CBS cijfers. Ook onderzoeker Nienke Boesveldt schat het aantal daklozen rond de 100.000 (NPO Radio, 2025). ↩
-
Ruim 20.000 dak- en thuisloze mensen in regio Amsterdam-Amstelland en Den Haag (Kansfonds, 2025). ↩
-
In Ede werden 505 mensen geteld, in Den Helder 302, in Steenwijkerland 168. Zie Publieksrapportage derde ETHOS-telling (2025). ↩
-
Zie o.a. Ruim 11.000 daklozen in Amsterdam, onder wie 14 kinderen die op straat leven: ‘Het is schrijnend’ (Parool, 2025) en Ruim 7000 daklozen in Den Haag, onder wie 1000 kinderen: ‘Ze worden onzichtbaar gemaakt’ (Omroep West, 2025), Nieuwe cijfers liegen er niet om: ook grote groep kinderen is thuisloos (AD, 2025). ↩
-
Investico benaderde meer dan honderd sociaal advocaten. We vroegen hen het aantal cliënten dat zij hebben bijgestaan in zaken over toegang tot de daklozenopvang over het jaar 2025 te tellen en opvallende zaken toe te lichten. Naderhand stuurden we ze een online vragenlijst. 16 advocaten vulden de vragenlijst in. ↩
-
Investico verzamelde openbare rechterlijke uitspraken vanaf 2023 tot nu. Zie verantwoordingsdocument voor overzicht van uitspraken en analyse. ↩
-
https://oirschot.bestuurlijkeinformatie.nl/Agenda/Index/a75841c8-42ac-4a3f-a1d3-92c9755f9a4d ↩
-
https://www.omroepflevoland.nl/nieuws/444521/gemeente-urk-een-toenemend-aantal-daklozen-hier-niet-van-toepassing ↩
-
https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/bijstand/vraag-en-antwoord/wat-is-de-kostendelersnorm-in-de-bijstand ↩
-
https://www.cnv.nl/nieuws/groeiende-dakloosheid-arbeidsmigranten-moet-stoppen/ ↩
-
Het verhaal van Rowena wordt ondersteund door rechtbankverslagen en rapporten die Investico heeft ingezien. ↩
-
Op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo, 2015) zijn gemeenten verantwoordelijk voor onderzoek naar iemands ondersteuningsbehoefte ihkv Wmo (Artikel 2.3.2). ↩
-
Zie Gemeenten dreigen dakloze moeders met afnemen kinderen (2025). ↩
-
Deze vragen staan in Wmo-screeningsverslagen die Investico inzag. ↩
-
Dit volgt uit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Art 2.3.5). ↩
-
Dit blijkt uit gesprekken met sociaal advocaten en hulpverleners. ↩
-
Gesprekken met 6 sociaal advocaten, d.d. 13 november 2025 en 26 januari 2026. ↩
-
Investico benaderde meer dan honderd sociaal advocaten. We vroegen hen het aantal cliënten dat zij hebben bijgestaan in zaken over toegang tot de daklozenopvang over het jaar 2025 te tellen en opvallende zaken toe te lichten. Naderhand stuurden we ze een online vragenlijst. 16 advocaten vulden de vragenlijst in. ↩
-
Zie ons verantwoordingsdocument voor hoe we uitspraken verzamelden en analyseerden. ↩
-
Zie: ECLI:NL:RBAMS:2024:3170, ECLI:NL:RBDHA:2023:3130. ↩
-
Zie: ECLI:NL:RBROT:2024:3257, ECLI:NL:RBMNE:2025:6190. ↩
-
Zie: ECLI:NL:RBMNE:2025:6190. ↩
-
Zie: ECLI:NL:RBAMS:2024:2158. ↩
-
Zie Ruim 11.000 daklozen in Amsterdam, onder wie 14 kinderen die op straat leven: ‘Het is schrijnend’ (Parool, 2025). ↩
-
Zie en Ruim 7000 daklozen in Den Haag, onder wie 1000 kinderen: ‘Ze worden onzichtbaar gemaakt’ (Omroep West, 2025). ↩
-
Zie verantwoordingsdocument voor opvangzaken waarin kinderen werden geweigerd. Zie o.a. uitspraken: ECLI:NL:RBROT:2025:4791, ECLI:NL:RBZWB:2024:4905, ECLI:NL:RBAMS:2024:6369, ECLI:NL:RBROT:2025:15107. ↩
-
zie ECLI:NL:CRVB:2024:1361. ↩
-
Zie Opinie: ‘Nu zoveel dakloze mensen geen hulp krijgen, kunnen we niet meer zeggen dat de keten vol zit – het systeem is kapot’ (Parool, 2025). ↩
-
https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2025/30/bijna-60-duizend-mensen-ingeschreven-op-een-vaka
-
Dit blijkt uit cijfers die het CBS publiceert op https://zichtopvakantieparken.nl ↩
-
Zie bijvoorbeeld https://www.vitalevakantieparken.nl/#:~:text=Vitale%20Vakantieparken%20richt%20zich%20vooral,en%20fungeren%20als%20een%20platform. (Gelderland), https://www.provincie-utrecht.nl/sites/default/files/2023-04/Flyer%20Programma%20Vakantieparken.pdf (Utrecht), https://expertisecentrumoverijssel.nl (Overijssel) ↩
-
De gemeente Den Haag stelt in een reactie dat er door woningschaarste beperkte mogelijkheden zijn tot het afgeven van urgentieverklaringen, en dat een ‘doorbraaklab’ in bijzondere situaties bekijkt of de gemeente ‘onconventionele (deel-)oplossingen’ mogelijk kan maken. ↩
-
Afwijzing urgentie is ingezien door Investico. ↩
-
Zie Veel dakloze gezinnen krijgen geen opvang meer: ‘Ik ben bang dat ze straks op straat moeten slapen’ (AD, 2025). ↩
-
Tender ↩
-
Overzicht hotelkosten ingezien door Investico. ↩
-
Investico heeft mails ingezien waaruit dit blijkt. ↩
-
Nationaal Actieplan Dakloosheid https://www.eersteenthuis.nl/nationaal-actieplan-dakloosheid ↩
-
Housing First Europe https://housingfirsteurope.eu/country/finland/ ↩
-
https://www.sdg16.plus/policies/housing-first-policy-finland/#policy-reference-25 ↩
-
Dit blijkt uit een mail die wij hebben ingezien. ↩
-
Investico heeft de verslagen van deze zittingen gelezen. ↩
-
Investico heeft dit gelezen in de verslagen van de rechtbank. ↩
-
Deze verslagen hebben wij ingezien. ↩
-
De wethouder uit Groningen heeft dit bevestigd in een gesprek met Investico ↩
-
Noord Hollands Dagblad https://www.noordhollandsdagblad.nl/regio/alkmaar/alkmaar-haalt-de-banken-weg-op-het-daklozenpleintje.-we-gaan-wel-op-klapstoelen-zitten/16721407.html ↩
-
NOS https://nos.nl/artikel/2591149-rotterdam-neemt-maatregelen-tegen-daklozen-en-bedelaars-op-kruispunten ↩
-
Eindrapportage onderzoek voortgang Nationaal Actieplan Dakloosheid: Eerst een thuis (pg. 40). ↩
-
Coalitieakkoord https://www.kabinetsformatie2025.nl/documenten/2026/01/30/aan-de-slag—-coalitieakkoord-2026-2030 ↩
-
Kapstokoverleg vond plaats op 28 januari 2026. ↩
- Lees meer over
- dakloosheid
- armoede
Wilt u onafhankelijke onderzoeksjournalistiek ondersteunen? Word Vriend van Investico