Hij begon als 25-jarige bij zijn moeder op zolder met een bureautje en een fax, vertelt Robert van Zanten in een Youtube-video.1 Toen, in 1996, bestond zijn onderneming uit slechts een brochure met mogelijke opleidingen voor volwassenen. Daar zocht hij een naam bij ‘die moest klinken alsof het al heel lang bestaat’. Dat werd het Nederlands Commercieel Opleidingsinstituut, afgekort NCOI.

Achteraf gezien zat alles mee. Rond de eeuwwisseling verbrokkelden sociale zekerheden; werden arbeidscontracten flexibel en ontstond het motto dat wie een leven lang wil kunnen werken, ook een leven lang zal moeten leren.2 De markt voor volwassenenonderwijs werd steeds groter en groeit met steun van de wetgever nog steeds. Bij een gedwongen ontslag hoort tegenwoordig een ‘scholingsbudget’. En nu vraagt corona om massale her- en bijscholing voor de duizenden die hun baan verloren. Ook daarvoor trekken werkgevers en overheid graag hun portemonnee.

Bijscholing voor volwassenen is vrijwel geheel in handen van commerciële en private opleiders, waarvan NCOI onbetwist de grootste is. Van Zanten nam de afgelopen jaren de ene na de andere concurrent over: secretaresseopleider Schoevers; tweedekansschool Luzac en cursusgigant NTI; voorheen het Nederlands Talen Instituut. Allemaal onderdeel van de NCOI Groep, net als bijna twintig andere opleidingsinstituten.3 ‘De grootste opleider van werkend Nederland’, noemt NCOI zichzelf.4

NCOI geeft zijn eigen lesboeken uit en heeft met ‘opleiding.nl’ een ‘booking.com voor opleidingen’ opgezet. De klap op de vuurpijl kwam afgelopen jaar toen het instituut de  belangrijkste concurrent LOI inlijfde; voorheen de Leidse Onderwijs Instelling. Het bedrijf draait nu een jaaromzet van 250 miljoen euro en maakt het meer dan dertig miljoen winst.5 Dat is een winstmarge van ruim tien procent op het ‘product’ onderwijs waar in de publieke sector alleen maar veel geld bij moet.

Dit resultaat wordt bereikt door mager onderwijs te verpakken in dure standaardpakketjes die op de rand van misleiding aan de man worden gebracht door een goed geoliede verkooporganisatie. NCOI is een instituut waar studenten klagen over onvoorziene kosten voor herexamens en scriptiebegeleiding en over wisselende leslocaties. Waar docenten bijna allemaal freelancers zonder onderwijsbevoegdheid zijn. Waar ze hun lessen moeten afdraaien als lopendebandwerk omdat NCOI aan alle kanten op hun vergoeding beknibbelt. En waar verwarring wordt gezaaid over de waarde van de te behalen diploma’s – die in de praktijk soms minder waard zijn dan wordt voorgespiegeld. De Onderwijsinspectie start hier binnenkort een onderzoek naar, de accreditatieorganisatie6 voor onderwijs noemt de diplomaclaims tegenover ons ‘misleidend’.

Platform voor onderzoeksjournalistiek Investico voor De Groene Amsterdammer, Trouw en Het Onderwijsblad sprak voor dit verhaal met ruim vijftig studenten, (oud-)docenten en (oud-)medewerkers van NCOI en haar vele dochterondernemingen. NCOI is vooral een ‘sales-organisaties’ zeggen verschillende betrokkenen: alles draait om het verkopen van zoveel mogelijk opleidingen aan potentiële studenten voor prijzen die vaak hoger zijn dan in het publieke onderwijs.

Maar als bijna-monopolist is NCOI voor volwassen studenten vaak de enige optie. Publieke scholen blijven achterlopen in volwassenonderwijs, mede door wettelijke beperkingen. Met omscholingscursussen die door het UWV worden betaald, geeft de overheid de private onderwijssector een extra zetje.

Beperkt takenpakket

‘School en ik zijn niet echt een match’, bekent de 23-jarige Scheherazade Marzouki.7 Dus toen ze een hogeschool tegenkwam waar ze maar één keer per week heen hoefde, was de Rotterdamse verkocht. Haar opleiding bij NTI, een van de dochteropleiders van NCOI, kost haar elke maand 311 euro, bijna twee keer meer dan publiek onderwijs. Eigenlijk zelfs meer, want iedere herkansing en extra begeleiding wordt in rekening gebracht. ‘Een toets inzien kost 25 euro’, zegt ze, en dan moet je ook nog naar het hoofdkantoor.’ De bedragen verschillen per opleider, maar een herkansing kost al snel 200 euro.8 Lunch 610 euro9 en zes uur extra scriptiebegeleiding bijna duizend euro.10

‘NCOI verdient aan studenten die denken dat ze meer kunnen, maar het niet lukt’, zegt Saskia Sielias die zelf zo’n student was. Ze haalde alle vakken van haar eerste jaar Toegepaste Psychologie maar begreep de feedback op haar eindopdracht niet. Aan haar docent kon ze geen hulp vragen, want die krijgt niet betaald voor het geven van feedback.11 ‘Ik ontdekte dat ik beter een officiële klacht kon indienen als ik een vraag had, dan kreeg ik tenminste antwoord’, vertelt een student12 die anoniem wil blijven. Docenten die zich niks aantrekken van hun beperkte takenpakket en studenten wel helpen – die er zeker ook zijn – doen dat in hun vrije tijd.

Het kost ons geen enkele moeite om in contact te komen met ontevreden klanten van NCOI. We spreken meer dan twintig mensen die zich wilden bijscholen, omscholen of een korte cursus wilden volgen bij een van de NCOI-merken. Geen klacht staat op zichzelf, of het nu om een vierjarige opleiding gaat of een cursus van twee maanden. Ingrid van Loon bijvoorbeeld schrijft zich vorig jaar in voor de cursus patisserie bij NTI. Ze betaalt 380 euro en krijgt daarvoor een kookboek thuisgestuurd – ook online te bestellen voor vijftien euro – samen met instructies welke pagina’s ze moet lezen. Dezelfde dag stuurt ze de boel weer terug, maar pas na veel gedoe krijgt ze haar geld terug.13

Ook over de leslocaties zijn veel klachten. ‘Ik schreef me in voor de opleiding tot gewichtsconsulent en wilde heel graag klassikale lessen’, vertelt student Magdalena.14 ‘Een paar weken van tevoren zeiden ze dat er te weinig inschrijvingen waren en het online zelfstudie zou worden.’ Daar krijgt ze nauwelijks begeleiding bij, zegt ze: ‘En die opleiding kost vijfduizend euro! De enige reden dat ik nog niet ben gestopt, is omdat mijn werkgever het betaalt.’

‘Een leven lang leren’

Voor een opleiding bij NCOI betaalt een student vaak meer dan bij een publieke mbo- of hbo-school. Dat kan omdat publieke scholen nauwelijks concurrentie vormen op het gebied van volwassenenonderwijs. Hogeschoolbestuurders15 spreken over een ‘andere cultuur’: 18-jarigen zijn een andere doelgroep dan werkende volwassenen. En er zijn wettelijke beperkingen. Publieke instellingen krijgen alleen overheidsfinanciering voor volledige opleidingen, niet voor losse vakken of modules.16 Ook moeten ze een specifieke leslocatie hebben, waardoor het als regionale opleiding moeilijk concurreren is met een landelijke organisatie als NCOI.17

Die wetgeving gaat niet snel veranderen zegt Frans de Vijlder, die als lector aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen werkt en sinds de jaren tachtig adviseert over wat later ‘leven lang leren’ ging heten. ‘Iedereen vindt het al decennia “heel belangrijk”, maar geen minister durft zich eraan te branden want het gaat om fundamentele veranderingen in het onderwijsstelsel.’ Bovendien is het dossier verdeeld over drie ministeries, Onderwijs, Sociale Zaken en Economische Zaken, die vaker langs in plaats van met elkaar werken.18 ‘En dus wordt er al bijna dertig jaar geëxperimenteerd met tijdelijke initiatieven, in de marge van het bestaande systeem.’

Sinds 1996 ontving het kabinet rond de twintig adviezen en werden ruim vijftig onderzoeksrapporten over een ‘leven lang leren’ gepubliceerd.19 Het jongste plan heet ‘experiment vraagfinanciering’ en dateert uit 2016,20 maar een goed systeem om mbo’s, hogescholen of universiteiten bijscholing voor volwassenen te laten geven is er nog niet. Wel betaalde de overheid via het UWV in 2018 en 2019 twee miljoen euro aan NCOI om werkzoekenden om te scholen, blijkt uit documenten die Investico verkreeg met een beroep op wet openbaarheid bestuur (Wob). Dat is ongeveer tien procent van het totale scholingsbudget van de uitkeringsorganisatie.21

A-rating

Op een druilerige dag afgelopen zomer nemen we met een Senseo-koffie plaats op de hoekbank van de man die we Volker zullen noemen. Hij werkt al jaren voor verschillende ‘labels’ van NCOI en moet nog even met ze verder, dus wil hij net als bijna alle andere docenten alleen anoniem zijn verhaal doen. ‘Docenten zijn freelancers’, zegt hij.22 Ze opereren in hun eentje: ‘Als je een collega wil spreken, dan moet dat via het hoofdkantoor.’

Net als de studenten reizen de leraren het hele land door, zonder losse reisvergoeding. Momenteel krijgt Volker gemiddeld 285 euro per werkdag, inclusief voorbereiden, nakijken en studentenmails beantwoorden. Afgelopen voorjaar gingen de vergoedingen voor onderwijs op afstand met twintig procent omlaag. Wegens corona hoefden docenten immers niet meer te reizen.

Voor dit onderzoek spreken we zestien van zijn collega’s van verschillende NCOI-instituten. De meeste benaderen we via LinkedIn. Net als Volker hebben veel van hen géén onderwijsbevoegdheid. ‘Je solliciteert en geeft een presentatie van vijf minuten, als je dat oké doet mag je aan de slag’, zegt hij. Je krijgt het cursusmateriaal opgestuurd. ‘En een draaiboek waaruit je de les kan voordragen.’ Bij verschillende vakken komt vaak hetzelfde materiaal terug. ‘Hetzelfde door NCOI uitgegeven boek duikt telkens in verschillende cursussen op.’

Wat het extra moeilijk maakt om goed les te geven, zegt hij, is dat hij nooit weet wat er op het eind getoetst wordt. ‘Dus eigenlijk weet je nooit helemaal hoe je het materiaal moet onderwijzen. Dat houden ze geheim.’ Maar als docenten geen vat hebben op de toetsing, en zij nauwelijks collega’s of leidinggevenden spreken – hoe weet NCOI dan of je een goede docent bent of niet? ‘Door de studentevaluaties,’ zegt hij. ‘Die zijn heilig.’

‘Je wil een zo hoog mogelijke beoordeling hebben, dus je steekt extra tijd in het begeleiden van studenten en voorbereiding.’ Bijna alle andere docenten die we spreken bevestigen deze ‘perverse prikkel’. Onderwijs-expert Loek Nieuwenhuis23 aan de Hogeschool van Arnhem-Nijmegen heeft er ernstige bedenkingen bij. Het is prima om studentbeoordelingen serieus te nemen, maar het mag nooit de enige manier van feedback zijn, vindt hij. ‘Dan is het een populariteitstest, niet een kwaliteitstest.’

‘De beoordelingen leiden tot een rating’, vertelt Volker, ‘bij gemiddeld een 7 of lager krijg je een C, pas boven een 8,5 heb je een A-rating.’ Een ontevreden student kan een behoorlijk verschil maken voor je volgende klus, want de rating bepaalt je toegang als docent tot een nieuwe cursus. ‘Docenten met een A mogen als eerste kiezen’, zegt hij. ‘Met een B krijg je later toegang en met een C nog later. En nieuwe cursussen komen altijd midden in de nacht online.’ We spreken docenten die ‘s nachts hun wekker zetten om de pagina te refreshen. 

In wezen werkt het niet anders dan het sterrensysteem van taxibedrijf Uber, maar dan voor onderwijs. Met één verschil: Je kan met een A-rating ook preferred supplier worden, dan heb je helemaal als eerste alles voor het uitkiezen. Maar voor dat privilege moet je wel tien procent van je vergoeding inleveren.

Misleiding

‘Ik verkocht eerst tweedehands auto’s, maar was op zoek naar een iets minder harde verkoopbaan’, zegt Chiron de Bree,24 die tot 2020 bij NCOI werkte. In 2012 ging hij aan de slag als opleidingsadviseur. Die functie klinkt inhoudelijk, maar in plaats van auto’s moest hij nu opleidingen verkopen: ‘elke salesmedewerker heet bij NCOI opleidingsadviseur’.

Hij herkent de klachten van studenten over veranderende locaties. ‘Er waren collega’s die zeiden: je kan zeker in Drachten studeren, terwijl daar bijna geen onderwijs werd gegeven.’ Hij zegt dat het geen beleid was om mensen verkeerd voor te lichten. ‘Maar later werd het commerciëler. Het zou me niets verbazen als dat is veranderd.’ Dat wordt bevestigd door Tom,25 die begin 2020 als opleidingsadviseur bij NCOI werkte. ‘Het is pure misleiding’, zegt hij, ‘ik mocht mensen niet eens vertellen hoeveel inschrijvingen er op een locatie waren, zelfs als ze ernaar vroegen. En ik kon wel zien dat nog niemand zich in Friesland had ingeschreven.’

Na drie jaar op de salesafdeling werd ex-tweedehandsautoverkoper De Bree studieadviseur: ‘Ik was het aanspreekpunt voor zo’n duizend studenten.’ De werkdruk was hoog, zegt hij. ‘Je bent de hele tijd achterstanden aan het wegwerken, en hoort tegelijkertijd iedereens problemen aan.’ Een andere26 oud-studieadviseur bevestigt dat: ‘Dan vertelt iemand dat hij zijn studie moet stopzetten omdat hij kanker heeft, en zit jij met een schuin oog naar de klok te kijken. In de gang hing een groot bord waarop stond hoeveel klanten je te lang had laten wachten. Alles wordt geklokt.’

Legoblokjes

‘NCOI heeft de studies onderverdeeld in legoblokjes. Een opleiding is opgebouwd uit een stuk of zes modules, maar je kunt ook twee van die modules volgen, dan heet het een “cursus” of bijvoorbeeld een “mbo-programma”.’ Dat zegt een voormalig medewerker die verschillende rollen had in het middenmanagement van de organisatie.27 Om te beoordelen of klachten van studenten en docenten structureel zijn, benaderen we ook mensen die in de NCOI-organisatie hebben gewerkt. Daarvan spreken we er uiteindelijk veertien.

De opleidingen zijn niet alleen inhoudelijk in blokjes opgedeeld, vertelt de oud-medewerker, maar ook organisatorisch: ‘Er zijn verschillende rollen: docent, onderwijsontwikkelaar en examinator zijn vaak verschillende mensen. Er is vanuit NCOI een contactpersoon voor de docenten, en weer een ander contactpersoon voor de onderwijsontwikkelaars. Heel fabrieksmatig.’

Het is de methode van Henry Ford: een proces in zoveel mogelijk kleine handelingen verdelen, om die zo routineus mogelijk te laten uitvoeren. ‘Dat maakt NCOI een heel efficiënte organisatie. Maar ik kan me voorstellen dat studenten en docenten geen idee hebben wie ze bij NCOI moeten hebben voor hun vragen.’ Haar oud-collega’s werken hard, zegt ze, en dat zorgt ervoor dat de kwaliteit vaak nog net op orde is. ‘Maar dat voert niet de boventoon. Ze zijn er heel goed in om studenten binnen te halen, maar studenten naar een diploma helpen is niet de prioriteit. Het ontbreken van die zorgplicht is onderdeel van het verdienmodel. Het is uiteindelijk een sales-organisatie.’

Sinds 2010 nam NCOI 20 andere opleiders over, die vervolgens door dezelfde mal worden geperst. Het blijven aparte merken, maar dezelfde vakken worden dikwijls binnen verschillende opleidingen gegeven. ‘Labels’ noemt NCOI de verschillende merken. Het blik soep is hetzelfde, er zit slechts een ander label op.

NCOI heeft momenteel 136 geaccrediteerde hbo-opleidingen en meer dan 158 erkende mbo-studies.28 Dat ging in het verleden niet zonder slag of stoot. In 2017 was de Onderwijsinspectie zeer negatief over de kwaliteit van de mbo-opleidingen29 en het lukte voorheen niet altijd om hbo-opleidingen geaccrediteerd te krijgen.30 Nu doorstaat het bedrijf de keuringen echter zonder veel kleerscheuren. ‘Ze zijn heel goed geworden in het geaccrediteerd krijgen van opleidingen’, zegt de oud-medewerker.

Verwarring over diploma

Na dertien jaar rijleraar te zijn geweest, wilde Meryem31 solliciteren op een nieuwe baan waar ze een mbo-diploma voor nodig heeft. Zo’n diploma heeft ze niet, dus begint ze bij NCOI-label Scheidegger aan Psychologie en Coaching. Dat is zo’n eenjarig hbo-programma van twee legoblokjes. ‘Volgens Scheidegger was het voldoende voor die mbo-functie. Maar toen ik solliciteerde bleek het diploma niets te betekenen. Het was niet erkend, dus ik kon er niets mee.’

Meryem is niet de enige die moeite heeft om de waarde van de niet-erkende NCOI-diploma’s in te schatten. ‘Ik ben treinmachinist en wilde doorgroeien’, zegt Silvester van Kleij, die een opleiding in Middle Management deed bij NCOI-dochter ISBW. Hij leest voor uit het informatieboekje: ‘“Hierbij ontvang je het zeer gewaardeerde diploma ‘HBO middle management.”’ Op de website staat wel dat het diploma slechts ‘een opstap’ kan zijn naar een ‘erkende hbo-bachelor’, maar verderop staat weer dat de student een ‘officieel diploma’ ontvangt. Silvester weet nog steeds niet wat zijn diploma waard is.32

NCOI is in het verleden meermaals op de vingers getikt voor het zaaien van verwarring over de status van de opleidingen. Zo schreef de Onderwijsinspectie in 2017 dat NCOI voor verschillende mbo-programma’s ‘de indruk wekte dat er sprake is van een erkend mbo-diploma’, terwijl die programma’s niet officieel waren erkend.33 Ook in 2010 waarschuwde de Inspectie daarvoor,34 en in 2012 was accreditatieorganisatie NVAO not amused omdat opleidingen die nog niet waren geaccrediteerd, wel zo werden gepresenteerd.35

Op de NCOI-website staat nog steeds dat deelnemers aan niet-geaccrediteerde hbo-programma’s aan het eind een ‘Diploma HBO van Hogeschool NCOI’ ontvangen. ‘Dat is misleidend’, zegt een woordvoerder van de NVAO36 als we die formulering voorleggen. De klachten over locaties, extra kosten, en slechte arbeidsvoorwaarden vallen volgens de NVAO niet onder hun toezicht. Voor de bevoegdheden van de docenten gelden bovendien ‘geen wettelijke minimumeisen’.

De Onderwijsinspectie zegt in een reactie37 al eerder signalen te hebben ontvangen dat NCOI haar diploma’s onduidelijk aanprijst en start ‘binnenkort’ een onderzoek hiernaar. Vanwege dat onderzoek kan de inspectie niet ingaan op de klachten uit dit artikel. Termen als hbo-niveau en mbo-diploma zijn niet wettelijk beschermd en leiden volgens de Inspectie tot een ‘grijs gebied’. ‘Dit vraagt om verduidelijking in de wet, zodat ook over hbo en hbo-diploma geen discussie meer kan ontstaan.’

Marktconform

‘Jullie zitten echt tegenover de oldtimers’, zegt Eric Verduyn lachend. Hij is directeur Onderwijs bij NCOI en werkt al zestien jaar bij het bedrijf. We zitten in een vergaderkamer in het verder uitgestorven hoofdkantoor in Hilversum. Ook Alex van der Weide,38 directeur Communicatie, is een NCOI-oudgediende. Hij werkt al 25 jaar met Robert van Zanten. ‘Ik heb de zolderkamer bij zijn moeder nog meegemaakt.’

De klachten die we horen, zijn volgens hen incidenten. NCOI heeft volgens Van der Weide vorig jaar slechts 175 klachten niet naar tevredenheid kunnen oplossen, terwijl er 200 duizend mensen een opleiding of training volgden. Dat studenten niet op hun voorkeurslocatie les kunnen krijgen, is ze bekend. ‘Natuurlijk is dat vervelend’, zegt hij, ‘maar dat geldt slechts voor tien procent van ons totale lesaanbod.’ Hij ontkent dat het beleid is om te verzwijgen dat leslocaties zullen worden afgezegd – in tegenspraak met de verhalen van meerdere oud-medewerkers.

Daarnaast stelt NCOI dat de teksten op de website over niet-erkende diploma’s, zijn  afgestemd met de Onderwijsinspectie. ‘Bovendien kan ik me niet voorstellen dat mensen denken dat een eenjarig hbo-programma gelijkwaardig is aan een volledige hbo-bachelor’, zegt Verduyn. ‘Ik denk dat je onze studenten dan echt onderschat.’ De Onderwijsinspectie ontkent39 dat NCOI alle formuleringen met hen afstemt. Bij eerder onderzoek heeft de Inspectie wel naar die teksten gekeken, ‘maar informatie van NCOI kan regelmatig wijzigen en wij kijken niet mee met elke nieuwe formulering.’

Ook de klachten van docenten over hun geïsoleerde positie herkent NCOI. Maar, zegt Verduyn, ‘een goede docent is bijvoorbeeld niet per se een goede onderwijsontwikkelaar. Daar hebben we dus een knip tussen gezet.’ Docenten kunnen de examens dus ook niet altijd inzien.

Een onderwijsbevoegdheid is volgens de wet niet nodig: ‘Als wij ze bevoegd achten’, zegt Verduyn, ‘dan zijn ze bevoegd.’ De ratings worden bepaald aan de hand van slagingspercentages en studentevaluaties. ‘We vragen onze studenten regelmatig ons en onze docenten te evalueren. Ik begrijp dat die ratings een beetje als slavenhandel kunnen voelen, maar we hebben gezien dat het tot kwaliteitsverbetering leidt. Docenten vragen ons echt: hoe kom ik van een C naar een A?’ En dat docenten ‘s nachts hun wekker moeten zetten om zich op nieuwe vakken in te schrijven? ‘Dat heeft met de server te maken, die krijgt dan een update.’

De tarieven voor docenten zijn volgens NCOI ‘marktconform’. Eerst zaten de reistijd en de reiskosten bij het tarief inbegrepen, dus nu docenten vanuit huis lesgeven, is het volgens communicatiedirecteur Van der Weide logisch dat er twintig procent afging. Onderwijsdirecteur Verduyn vult aan: ‘Docenten bepalen zelf of ze voor dat tarief willen werken. Ze zijn vrij om iets anders te zoeken.’

Monopolie

Dat zouden ontevreden docenten inderdaad kunnen doen, ware het niet dat NCOI in wezen monopolist is. Er blijven steeds minder verschillende opdrachtgevers over voor de freelance docenten. ‘NCOI is goed voor een derde van mijn inkomsten’, zegt een docent40 die vakken in communicatie geeft. Andere private opleiders waar ze voor zou kunnen werken, worden stuk voor stuk door NCOI overgenomen. ‘Ik zou misschien nog wat voor De Baak kunnen doen, maar dat is het dan ook wel.’ Wat ze niet weet, is dat NCOI in 2018 een ‘strategisch partnership’ aanging met De Baak en 49 procent van de aandelen kocht.41

De monopoliepositie werd afgelopen augustus nog verder uitgebreid. Toen gaf de mededingingswaakhond Autoriteit Consument en Markt (ACM) het bedrijf toestemming om omscholer LOI over te nemen, tot dan toe de grootste concurrent. Volgens de Autoriteit blijven er voor niet-erkend onderwijs genoeg concurrenten over, zoals NHA en Laudius. Die twee zijn echter vele malen kleiner42 dan zowel NCOI en LOI. Volgens de kartelautoriteit concurreert NCOI bovendien met gewone hogescholen en mbo-instellingen,43 maar die zeggen juist grote moeite te hebben met het geven van volwassenenonderwijs.

‘Mensen moeten worden geholpen ergens anders aan de slag te kunnen. We gaan een nieuwe fase in en daarbij hoort scholing.’ Minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, legde vorig jaar op 20 mei uit hoe Nederlanders die door corona voor hun baan vrezen, zich kunnen omscholen.44 Hij trekt alleen voor 2020 al 95 miljoen euro subsidie uit voor een speciaal scholingsprogramma. Het geld is bestemd voor korte onderwijsprogramma’s, die publieke opleiders nauwelijks kunnen aanbieden. NCOI biedt met deze subsidie drieduizend opleidingsplekken aan. Binnen vijf dagen zijn ze allemaal uitverkocht.45

 

In een eerdere versie van dit onderzoek stond abusievelijk dat een docent twintig procent van de vergoeding moest inleveren om preferred supplier te worden. Dat moet tien procent zijn.

Reactie Onderwijsinspectie op vragen van Investico

Lees dit onderzoek ook in De Groene Amsterdammer, Trouw en Het Onderwijsblad. De namen Meryem, Tom en Volker zijn gefingeerd. Hun volledige naam, en de achternaam van Magdalena, zijn bekend bij de redactie. Dit stuk kwam tot stand met steun van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten.

  1. Op zoek naar de groeiformule met Robert van Zanten va NCOI Groep (8 mei 2020), Nl Groeit.

    ↩︎

  2. 1996 riep de Europese Commissie uit tot het Jaar van een Leven Lang Leren.

    ↩︎

  3. Sinds 2010 nam NCOI de volgende instituten over: NEN3140 Opleidingen, ROVC Technische Opleidingen, Bestuursacademie Nederland, Boertien Vergouwen Overduin, Computrain, Blankestijn, ISBW Opleidingen, Lectric Opleidingen, Luzac, Markus Verbeek Praehep, NIBE-SVV, NTI, Pro Eduction, Scheidegger, Schoevers, SRM, Tio, De Baak, LOI en Kluwer.

    ↩︎

  4. Website NCOI

    ↩︎

  5. Op een winst van 31.769.000 euro en een omzet van 253.668.000 euro is de winstmarge 12,5 procent.

    ↩︎

  6. Interview IJda van den Hout, persvoorlichter NVAO, op 27 november 2020.

    ↩︎

  7. Interview Scheherazade Marzouki, NTI-student Toegepaste Psychologie, op 2 oktober 2020.

    ↩︎

  8. Interview Saskia Sielias op 15 oktober 2020 en verschillende online reviews waaronder deze, deze en deze.

    ↩︎

  9. Kostenoverzichten NCOI, bijvoorbeeld HBO Bachelor toegepaste psychologie en HBO Bachelor Bedrijfskunde.

    ↩︎

  10. Wob-verzoek over verkorte opleidingen in het hoger beroepsonderwijs (p. 316) en recentere online reviews zoals deze en deze.

    ↩︎

  11. Interview Saskia Sielias, NTI-student Toegepaste Psychologie op 15 oktober 2020.

    ↩︎

  12. Interview anonieme student (naam bekend bij de redactie) op 1 oktober 2020.

    ↩︎

  13. Interview Ingrid van Loon, NTI-cursist, op 25 september 2020.

    ↩︎

  14. Interview Magdalena (achternaam bekend bij de redactie), NCOI-student, op 16 oktober 2020.

    ↩︎

  15. Interview Paul Rüpp, voorzitter College van Bestuur van Avans op 27 oktober 2020; en Sander van den Eijnden, voorzitter College van Bestuur van Hogeschool Leiden op 2 oktober 2020.

    ↩︎

  16. Interview Fokke Aukema, expert deeltijdonderwijs, op 2 oktober 2020. Zie bijvoorbeeld ook hier.

    ↩︎

  17. Vestigingsplaatsbeginsel, 7.17 van de WHW.

    ↩︎

  18. Interview Frans de Vijlder, lector Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, op 25 september 2020.

    ↩︎

  19. Bart Golsteyn, Waarom groeit een leven lang leren niet sterker ondanks de vele adviezen erover? Universiteit Maastricht (februari 2012). Sindsdien zijn er nog meer adviezen en onderzoeken gepubliceerd, waarvan een aantal hier te vinden.

    ↩︎

  20. Experimenten om deeltijdonderwijs flexibeler te maken, Rijksoverheid

    ↩︎

  21. UWV Jaarverslag 2018

    ↩︎

  22. Interview anonieme docent (naam bekend bij de redactie) op 26 augustus 2020.

    ↩︎

  23. Interview Loek Nieuwenhuis, lector Hogeschool van Arnhem en Nijmegen en hoogleraar Open Universiteit, 13 november 2020.

    ↩︎

  24. Interview Chiron de Bree, oud-medewerker van NCOI, op 9 oktober 2020.

    ↩︎

  25. Interview anonieme oud-medewerker NCOI (naam bekend bij de redactie) op 2 oktober 2020.

    ↩︎

  26. Interview anonieme oud-medewerker NCOI (naam bekend bij de redactie) op 13 oktober 2020.

    ↩︎

  27. Interview anonieme oud-medewerker NCOI (naam bekend bij de redactie) op 6 oktober 2020.

    ↩︎

  28. E-mail Alex van der Weide, directeur communicatie NCOI, op 6 januari 2021.

    ↩︎

  29. Staat van de Instelling MBO, NCOI MBO College te Hilversum, Onderwijsinspectie (maart 2017).

    ↩︎

  30. Interview Ijda van den Hout, persvoorlichter NVAO, op 27 november 2020.

    ↩︎

  31. Interview anonieme student op 17 december 2020.

    ↩︎

  32. Interview Silvester van Kleij, oud-student van ISBW, op 6 oktober 2020.

    ↩︎

  33. Staat van de Instelling MBO, NCOI MBO College te Hilversum, Onderwijsinspectie (maart 2017).

    ↩︎

  34. Twee nieuwsberichten online: deze en deze.

    ↩︎

  35. Opleider NCOI misleidt studenten, DUB (5 september 2021).

    ↩︎

  36. Interview Ijda van den Hout, persvoorlichter NVAO, op 27 november 2020.

    ↩︎

  37. E-mail Daan Jansen, woordvoerder Inspectie van het Onderwijs, op 5 januari 2021.

    ↩︎

  38. Interview Eric Verduyn, directeur onderwijs NCOI, en Alex van der Weide, directeur communicatie NCOI, op 16 december 2020.

    ↩︎

  39. E-mail Daan Jansen, woordvoerder Inspectie van het Onderwijs, op 5 januari 2021.

    ↩︎

  40. Interview anonieme docent (naam bekend bij de redactie) op 30 oktober 2020.

    ↩︎

  41. Strategisch partnership De Baak en NCOI Groep, ncoi.nl (27 november 2018).

    ↩︎

  42. Volgens de meest recente cijfers uit de Kamer Van Koophandel had NHA een totale activa van 5,2 miljoen, Laudius 1 miljoen, terwijl NCOI een totale activa van 329,6 miljoen had en LOI 28,4 miljoen.

    ↩︎

  43. E-mail ACM-medewerker op 7 december 2020: Uit het marktonderzoek blijkt dat bekostigd onderwijs concurrentiedruk uitoefent op niet-bekostigd onderwijs.

    ↩︎

  44. Persconferentie ministers Koolmees, Hoekstra en Wiebes over tweede economisch steunpakket coronacrisis (20 mei 2020).

    ↩︎

  45. Interview Eric Verduyn, directeur onderwijs NCOI, en Alex van der Weide, directeur communicatie NCOI, op 16 december 2020.

    ↩︎

Auteurs

Michelle Salomons

Michelle Salomons studeerde journalistiek in Utrecht en kunst en politiek aan Goldsmiths University in Londen. Eerder werkte ze als …
Profiel-pagina
54-Investico-07-06-201700785

Emiel Woutersen

Emiel studeerde Theoretische Natuurkunde in Amsterdam en Cambridge en werkt ook als docent aan de Universiteit van Amsterdam.
Profiel-pagina
54-Investico-07-06-201701200

Thomas Muntz

Thomas is filosoof en politicoloog en doceert in de masterclass onderzoeksjournalistiek. Hij is tevens docent politieke filosofie en …
Profiel-pagina