Nieuws

Russische eigenaren achter Curaçaose online casino’s

Verschillende Curaçaose online casino’s zijn in handen van Russische, Oekraïense en Belarussische eigenaren, terwijl overheidstoezicht om sanctieontwijking of witwassen effectief tegen te gaan ontbreekt. Dit blijkt uit onderzoek van Platform Investico, Argos en De Groene Amsterdammer naar de Curaçaose online goksector.

Op Curaçao zijn duizenden online gokbedrijven actief. Maar de sector is vrijwel ongereguleerd, overheidstoezicht is er niet, en de Curaçaose overheid weet niet wie er achter de gokbedrijven schuilgaan. Dit maakt de sector erg gevoelig voor witwassen en het ontwijken van sancties. ‘Als je niet weet wie de eigenaar is van het casino, of wie geld inlegt of ontvangt, kan je het schenden van sancties niet effectief tegengaan’, zegt de Britse anti-witwasexpert Ray Blake.

In de Pandora Papers, een lek van juridische dienstverleners uit belastingparadijzen, duiken enkele eigenaren van Curaçaose online casino’s op. Zoals Ihar uit Belarus, die enkele jaren als bewaker in een staatslandbouwbedrijf werkte en later werkloos werd. Hij is eigenaar van de website realmoneyonlinepokies. Andere eigenaren van de online casino’s zijn een 26-jarige medewerker van een Russisch trustkantoor, een Rus die in een grauw flatgebouw in een buitenwijk van Sint-Petersburg woont, en een Oekraïner die in een vervallen sovjetblok woont in de West-Oekraïense stad Lutsk. Of zij de werkelijke eigenaren zijn, of als stroman optreden, is niet te achterhalen.

‘Masterlicentiehouders’

Niet de Curaçaose overheid, maar een handvol private bedrijven bepaalt wie tot de online gokmarkt wordt toegelaten. Enkele firma’s, die luisteren naar namen als Cyberluck, Antillephone en Gaming Services Provider, hebben ooit een officiële overheidsvergunning weten te bemachtigen. Op basis van deze vergunningen verstrekken deze ‘masterlicentiehouders’ sinds de jaren negentig tegen betaling en op grote schaal sublicenties aan nieuwkomers, tegen een prijs van ongeveer vijfduizend dollar per jaar. De overheid komt er niet aan te pas.

‘Als de overheid niet controleert krijgen criminelen een license to operate’, zegt anti-witwasexpert Ray Blake. ‘Het Curaçaose systeem gaat in tegen de basisprincipes van regulering’, aldus Blake.

De Italiaanse maffia, criminele Russen en witwassers maken gebruik van Curaçaose casino’s. Curaçaose gokbedrijven duiken op in Russische, Amerikaanse, Italiaanse, Braziliaanse en Nederlandse strafzaken. Het US Department of State waarschuwt in een recent rapport expliciet dat criminele drugsbendes Curaçaose goksites kunnen gebruiken om crimineel geld wit te wassen.

Veel Curaçaose gokbedrijven werken met een anoniem dochterbedrijf in Schotland of Ierland, blijkt uit onderzoek in de Pandora Papers. Oud-FIOD-inspecteur en anti-witwasexpert Jan van Koningsveld bekeek op verzoek van Argos en Investico enkele van deze bedrijfsstructuren. ‘Als je dit soort structuren ziet, dan dan heb ik altijd het gevoel: “vertel me eens waarom?” Want het heeft alle elementen van verhulling. En hoe meer verhulling en anonimiteit wordt gecreëerd, des te groter is natuurlijk de kans dat het te maken heeft met misbruiksituaties.’

De belangenvereniging voor Curaçaose gokbedrijven stelt in een reactie dat de banden tussen criminelen en de Curaçaose goksector ‘roddels’ zijn. Volgens de vereniging geven ‘masterlicentiehouders’ hun vergunning door ‘met medeweten en instemming van de regering’ en staan gokbedrijven ‘onder streng toezicht van particuliere ondernemingen’. Het voorkomen van betrokkenheid bij criminele zaken is een ‘prominent aandachtspunt’ voor de sector. De gokbedrijven zeggen dat zij bij de Gaming Control Board doorgeven hoeveel goksites er onder hun vergunning werken. De sector is van mening dat sublicenties legaal zijn en verwijst daarvoor naar jurisprudentie.

Tegengewerkt en geïntimideerd

Meerdere ambtenaren hebben sinds de jaren negentig geprobeerd om strengere regels te maken voor de online gokbedrijven. Maar zij werden tegengewerkt en geïntimideerd, en van wetswijzigingen kwam het nooit. John van Schendel, destijds wetgevingsjurist op het Curaçaose ministerie van algemene zaken, probeerde al in de jaren negentig de wet aan te passen, omdat die in zijn ogen niet deugt. ‘Het is de slechtste wet die ik ooit heb gezien, volstrekt in strijd met de basisregels van de democratie’, aldus Van Schendel. Hij schrijft een nieuwe wet schrijft om de fouten te herstellen, ‘maar die is nooit verder gekomen dan de tekentafels’, zegt hij. ‘Het werd vastgehouden door de minister, en dan houdt het gewoon op.’

In 2013 tekent de Curaçaose minister van Justitie een officieel landsbesluit waarin strengere eisen, beter toezicht en een expliciet verbod op sublicenties worden geregeld. Maar twee maanden later wordt dat besluit alweer ingetrokken. De officiële verklaring wijst naar een juridisch probleem: éérst moet de wet veranderd worden, pas dan kunnen er in lagere regelgeving strengere eisen worden gesteld aan gokbedrijven. Maar die nieuwe wet komt er nooit. De enige poging om gokbedrijven strenger te reguleren en het systeem van sublicenties aan banden te leggen, werd direct weer de nek omgedraaid.

Lees het onderzoek

Diepgravende onderzoeksjournalistiek is onmisbaar. Word nu Vriend van Investico en versterk de onderzoeksjournalistiek in Nederland.

Word vriend