Industrie hoefde niet te investeren in energiezuinigheid

Nederland weigerde energiebesparing: ‘een politieke keuze’

Geleen – Chemisch industriecomplex Chemelot Beeld door: ANP / Nico Garstman

Nieuws

Aanpak energiebesparing bij bedrijven faalt

Bedrijven hebben veel te weinig ingezet op energiebesparing. Ondanks een landelijke wet, die ze verplicht om te investeren in energiezuinige pompen, machines en isolatie. Juist het gebrek aan energie-efficiëntie speelt bedrijven parten, nu de energiecrisis leidt tot hoge facturen.

Zes op de tien bedrijven die de afgelopen drie jaar een bezoek van een inspecteur kregen voldeden niet aan die besparingsregels, blijkt uit cijfers die platform voor onderzoeksjournalistiek Investico in samenwerking met Trouw en De Groene Amsterdammer opvroeg bij de diensten. Dat lijkt het topje van de ijsberg: pas sinds enkele jaren komen controles door inspecteurs mondjesmaat op gang.

Bovendien zijn duizenden middelgrote bedrijven met een energiebesparingsplicht niet in beeld, omdat ze de vereiste energierapportage niet hebben ingediend. TNO rekende uit dat als bedrijven zich aan de regels houden er 33 Petajoule (PJ) minder energie nodig is. Dat staat gelijk aan 350 windmolens of ruim vierduizend voetbalvelden met zonnepanelen, én ruim 10 procent van het Gronings gas dat vorig jaar werd opgepompt.

Het voornemen van minister Rob Jetten (D66, klimaat) om werk te maken van controle en handhaving is volgens energie-experts goed, maar zij voorzien grote uitvoeringsproblemen. Zeker omdat hij ook de industrie tot de aanschaf van zuinige pompen, machines en geïsoleerde buizen wil verplichten, als ze die investering binnen vijf jaar terugverdienen. Die eis geldt nu al voor mkb-bedrijven.

Energieslurpers uitgezonderd

De meeste Nederlandse energieslurpers, van kleine fabrieken tot Tata Steel, hebben nooit zo’n besparingsverplichting gehad. Bij vijftien- tot twintigduizend industriële bedrijven zouden afspraken over besparing in de vergunning moeten staan. Maar veel vergunningen zijn verouderd. Slechts 7 van de 29 omgevingsdiensten hebben meer dan de helft van de vergunningen aangepast. Anderen zitten pas op 5 of 9 procent, moeten nog beginnen of hebben geen idee hoe ver ze zijn, melden ze aan Investico.

Bij de zware industrie was het in Nederland zelfs wettelijk onmogelijk om via een vergunning limieten aan energieverbruik te stellen, in tegenstelling tot in andere EU-landen. Verder dan niet-bindende convenanten kwam het niet in de industrie.

Minister Jetten maakt 56 miljoen vrij voor extra toezicht op zuiniger energiegebruik door bedrijven, een eis die sinds 1993 al (slapend) bestond. Volgens experts onderschat Jetten de controle die in praktijk nodig is voor naleving. “De voornemens zijn goed, maar het gevaar is dat het een wassen neus wordt, zolang de handhaving niet op orde is”, zegt hoogleraar transitiekunde Derk Loorbach.

“De omgevingsdiensten kregen toezicht de afgelopen jaren al nauwelijks gebolwerkt bij de andere bedrijven”, zegt energiedeskundige Laetitia Ouillet. “Nu moeten ze nog grotere industriebedrijven controleren en wordt het nog ingewikkelder.” Dat zij nu ook verplichtingen krijgen, is op zich een goede zaak, volgens Ouillet. “Maar dan wel in de vorm van verplichte maatwerkafspraken per bedrijf. Daar is nog geen start mee gemaakt en dat vind ik echt een grote schande.”

Handhaving energiebesparing

Grote bedrijven kunnen makkelijk onder de regels uitkomen, denkt Kornelis Blok, hoogleraar energiesystemen van de TU Delft. Bedrijven hoeven alleen energiebesparende maatregelen te nemen als ze die binnen vijf jaar kunnen terugverdienen. “Grotere bedrijven kunnen als ze dat willen een consultancy inhuren die kunstmatig uitrekent: hé dit is niet rendabel”, zegt Blok.

Het ministerie van economische zaken & klimaat belooft in de gaten te gaan houden of de 56 miljoen euro en bijbehorende handhaving daadwerkelijk tot voldoende energiebesparing leidt. Ook wil het ministerie zorgen dat omgevingsdiensten onderling kennis gaan delen. Het toezicht op de meest complexe bedrijven komt bij de grootste omgevingsdiensten leggen, wil Jetten.

Veel pakt de minister nog niet aan: de glastuinbouw blijft voorlopig gespaard van maatregelen en het lage belastingtarief voor grote energieverbruikers wordt vanaf 2024 ‘geleidelijk’ verhoogd.

Volgens hoogleraar Loorbach is een bespaarplicht een eerste stap. “Er is geen prikkel voor grootverbruikers om energie te besparen zolang zij lagere energiebelastingen blijven betalen”, zegt hoogleraar Loorbach. “Als je wil dat er van besparen iets terecht komt, moet je dat aanpakken.”

Verantwoording

Investico is radicaal transparant. In verantwoordingsdocumenten maken wij onze onderzoeksmethodes en resultaten openbaar zodat publiek en andere onderzoekers ons werk kunnen controleren en erop kunnen voortbouwen. In de longread van het onderzoek hieronder verwijzen noten naar het bronmateriaal. Wilt u meer weten over onze missie en methode? Lees meer

Onderzoek met bronnen

Nederland weigerde energiebesparing: ‘een politieke keuze’

Geleen – Chemisch industriecomplex Chemelot Beeld door: ANP / Nico Garstman

Het kabinet wil bedrijven gaan dwingen tot energiebesparing. Ook de industrie, die jarenlang was uitgezonderd. Een goed streven, zeggen energie-experts, maar het komt veel te laat.

Besparen, besparen, besparen. Sinds de oorlog in Oekraïne gaat er geen dag voorbij of minister Rob Jetten van Klimaat vertelt glimlachend doch vastberaden dat energiebesparing ‘de crux’ is. Huishoudens en bedrijven moeten zich van hem ‘massaal inzetten1’. Zo kan Nederland ‘voor het einde van het jaar onafhankelijk zijn van Russische energie2’, ‘een gastekort komende winter voorkomen3’ en het klimaatprobleem versneld aanpakken. Overheidsgebouwen, lantaarnpalen, monumenten, overal moeten de lichten uit. ‘Wat mij betreft ligt alles ter tafel’, zei de minister onlangs.4

‘Energiebesparing heeft de afgelopen jaren niet de aandacht gekregen die het verdient’, bekent hij bij de start van de besparingscampagne. Maar, belooft hij: ‘Daar gaan we verandering in brengen5.’ Een van de maatregelen die hij aankondigt is dat meer bedrijven verplicht moeten gaan besparen6.

Dat voorgaande Nederlandse kabinetten energiebesparing onvoldoende aandacht hebben geschonken is echter maar half waar. Kleine en middelgrote bedrijven konden inderdaad jarenlang wegkomen met nodeloos energieverbruik. Omgevingsdiensten zijn pas sinds een paar jaar op pad7 om de al sinds 1993 bestaande verplichtingen te handhaven, met weinig succes, stelt Investico vast na een rondgang.

Maar voor de allergrootste energiegebruikers van ons land had de regering juist wel alle aandacht. Als één van de weinige landen in de EU8 zondert Nederland haar gehele zware industrie al bijna twintig jaar volledig uit van verplichtingen om minder energie te gebruiken9. De uitzondering ging al die tijd verder dan Brusselse regels toestonden, blijkt uit onderzoek van platform Investico voor De Groene Amsterdammer en Trouw.

Tot tweemaal toe togen Nederlandse ministers van Economische Zaken bovendien naar Brussel om concrete besparingsdoelen ‘van tafel’ te krijgen. Mede dankzij het dwarsliggen van Nederland komen die doelen er keer op keer niet. Pas op prinsjesdag 202110 maakt het kabinet een scherpe draai en beëindigt de jarenlange uitzondering voor de zware industrie. Jetten noemt de uitzondering tegenover Investico ‘een politieke keuze’. Was die eerder teruggedraaid, dan had ‘een aanzienlijke besparing gerealiseerd kunnen worden’, zegt hij11.

Haalbare maatregelen voor de ondernemer

‘Het is enorm leuk werk. Iedere controle draag je toch iets bij aan de gehele besparing van energie’, zegt de toezichthouder energiebesparing van Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant. Met een notitieblok in de hand stapt ze een Monkey Town in het westen van Brabant binnen, een overdekte kinderspeelhal met hoge klimtoestellen, trampolines en talloze gillende kinderen.

‘Fijn dat ik even langs kan komen’, glimlacht ze naar de eigenaar. Hij begrijpt het nut van de controles wel. ‘Zeker met de stijgende prijzen nu, maar Nederland is wel echt een regeltjesland.’ In de zaal, een voormalige tennishal uit de jaren 80, is het lastig om de temperatuur te regelen ‘Die kinderen ravotten zich wel warm, maar die ouders zitten stil hé.’

Ondertussen kijkt de inspecteur ijverig rond. Overal ziet ze energie vliegen. Ze let vooral op isolatie en wijst naar de buizen die dwars door de hal lopen. ‘Hier is al een poging gedaan, maar ik moet het toch noteren, het is verplicht,’ zegt ze. ‘Als je die buizen goed inpakt verliezen ze veel minder warmte.’ Oké, knikt de ondernemer. ‘Ik geef het door aan de verhuur. Ik weet niet wat hij ermee doet.’

Er zijn nog geen boetes uitgeschreven, wel ontvangt hij een brief met een aantal maatregelen die hij binnen drie maanden moet doorvoeren. ‘Je kijkt toch naar wat haalbaar is voor de ondernemer.

De afgelopen drie jaar kregen zo’n vijftienduizend bedrijven12 een energiecontroleur op bezoek. Uit cijfers die Investico opvroeg bij de 29 omgevingsdiensten blijkt dat bijna tweederde13 van deze bedrijven niet alle wettelijk voorgeschreven maatregelen had genomen om energie te besparen. De maatregelen tellen op tot een besparing gelijk aan 650 duizend huishoudens14.

Van tienduizenden bedrijven weten de omgevingsdiensten niet of ze überhaupt onder de energiebesparingsplicht vallen. Een omgevingsdienst mag namelijk pas een controleur langssturen wanneer een bedrijf meer dan 50.000 kWh elektriciteit of 25.000 m3 aardgas gebruikt15. De diensten ontvingen een lijst met bedrijven van het Rijk, maar daar zit een foutmarge in tot wel veertig procent.

Zo troffen inspecteurs een Primera die een duizelingwekkende hoeveelheid gas en licht zou gebruiken. Wat bleek? De oppervlakte van het hele gemeentehuis van Den Haag waarin het kioskje is gevestigd, was gebruikt bij het berekenen van het energieverbruik. ‘Vervolgens zijn we weer een tijd bezig met telefoontjes verwerken van bedrijven die we ten onrechte hebben aangeschreven’, zegt een controleur16 van de omgevingsdienst Haaglanden.

Rechtstreekse toegang tot verbruikscijfers zou inspecteurs helpen, zo zeiden ze vier jaar geleden tegen Trouw17. Maar netbeheerders weigeren dat, onder druk van VNO-NCW, met een beroep op de Elektriciteits- en Gaswet. Weliswaar moeten bedrijven sinds 2019 rapporteren over hun energieverbruik. Nog steeds hebben duizenden bedrijven niet gerapporteerd18.

Onmacht in controle besparingsmaatregelen

Zelfs als inspecteurs de benodigde informatie hebben, opereren ze met een arm op de rug gebonden. Want alleen maatregelen met een ‘terugverdientijd’ van vijf jaar zijn verplicht. Dat komt er in de praktijk op neer dat milieu-inspecteurs voor individuele bedrijven moeten gaan bewijzen dat een maatregel rendeert. Zo belandden omgevingsdiensten in een eindeloos juridisch gevecht19 voordat zij supermarkten zo ver kregen om deurtjes voor koelingen te plaatsen. Volgens de supermarkten waren de kosten hoger dan de opbrengsten, omdat klanten niet meer werden verleid tot een impulsaankoop uit het koelvak.

En dan zijn er nog vijftien- tot twintigduizend van de meest vervuilende bedrijven20 waarvan een groot deel helemaal niet gecontroleerd kan worden. Dit zijn bedrijven die een milieuvergunning moeten hebben, waarin ook besparingsmaatregelen staan. Maar veel vergunningen zijn verouderd en alle vergunningen opnieuw doornemen ‘is een arbeidsintensief proces’, stelt de omgevingsdienst Rijnmond21. Het gevolg: slechts 7 van de 29 omgevingsdiensten melden ons dat ze meer dan de helft van de vergunningen hebben aangepast. Anderen zitten pas op 5 of 9 procent, moeten nog beginnen of hebben geen idee hoe ver ze zijn. Ook hierover trekken omgevingsdiensten al een tijd aan de bel. Dat wordt nu aangepakt; bij invoering van de nieuwe Omgevingswet.

Veel regionale diensten zijn niet in staat om voldoende te handhaven: te weinig capaciteit, te weinig kennis, zegt ook Ed Nijpels. Tot voorkort was de prominente VVD’er bij de SER voorzitter van het Voortgangsoverleg Klimaatakkoord. ‘Als er niet wordt gecontroleerd dan wordt die energiebesparingsplicht een running gag. Dan zegt men: ach, ze komen toch nooit langs.’

Bijna de helft van het totale Nederlandse energieverbruik komt voor rekening van de industrie22. Een paar honderd industriële reuzen verbruiken het leeuwendeel. Alle reden om flink te besparen. Maar de 430 grootste CO2-uitstoters van Nederland worden sinds jaar en dag volledig uitgezonderd van alle verplichte maatregelen voor energiebesparing. Het kabinet Balkenende II verbiedt vanaf 2005 zelfs het opnemen van besparingsvoorschriften in hun vergunningen, een verbod dat tot afgelopen jaar standhoudt23.

Het idee erachter is dat deze bedrijven al deelnemen aan het Europese emissiehandelssysteem (ETS). Binnen dit systeem krijgen ze uitstootrechten, die steeds verder afnemen en duurder worden. Hierdoor zouden ze vanzelf energie gaan besparen. Daar kwam weinig van terecht, zegt milieueconoom Sander de Bruyn van onderzoeksbureau CE Delft. ‘Het was sinterklaas met die emissierechten, er was een enorm overschot. Tot 2020 is er daarom niet of nauwelijks een prikkel van het ETS uitgegaan om energie te besparen.’

De uitzondering voor grote industriële bedrijven is zo riant dat deze volgens verschillende experts24 in strijd is met EU-richtlijnen25. De Nederlandse interpretatie is niet ‘richtlijnconform’, schrijft Valerie van ‘t Lam, energierecht advocaat bij Stibbe, omdat de Europese richtlijn ‘expliciet bepaalt’ dat de toegestane uitzondering alleen voor activiteiten die ter plekke CO2 uitstoten. Nederland heeft die mogelijkheid maximaal opgerekt tot alles op het bedrijfsterrein26. Voor zover bekend is er geen enkele andere EU-lidstaat die van de uitzonderingsmogelijkheid27 gebruikt maakt, in welke vorm dan ook. Volgens het ministerie heeft de Europese Commissie ‘niet aangegeven dat Nederland de richtlijn op dit punt verkeerd heeft geïmplementeerd.’ De Europese Commissie gaat niet in op vragen van Investico

Liever een uitgeklede richtlijn

Ook in Europa spant Nederland zich in om concrete Europese besparingsdoelstellingen te voorkomen28. De doelstellingen per lidstaat29 die de Europese Commissie graag wil, hebben wij niet nodig, stelt minister Maxime Verhagen in 2011. Nederland heeft in de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw genoeg gedaan, vindt hij. Meer inspanningen zou Nederlandse bedrijven geld kosten30. ‘Ik zal inzetten op een uitgeklede richtlijn zonder verplichtingen’, belooft Verhagen aan de Kamer31, die daar in een motie32 getiteld ‘over het van tafel krijgen van de richtlijn’ op aandringt.

Enkele jaren later wil de Europese Unie de richtlijn updaten. Aan de positie van Nederland is onder EZ-minister Henk Kamp weinig veranderd33. ‘Nederland was opvallend halsstarrig op het gebied van energiebesparing en wilde vooral geen stapeling van doelen naast het ETS, zegt Gerben-Jan Gerbrandy (D66) destijds lid van het Europees Parlement. Hij vindt het opvallend: ‘Het is een no-brainer: de allerschoonste en goedkoopste energie is energie die je niet gebruikt.’

Van Rob Jetten moet nu ook in Europa de knop om. Plotseling zitten we volgens de minister in de Europese ‘kopgroep34’. Zijn optimisme kan niet verhullen dat Nederland de boot gemist heeft. Bedrijven moeten nu in aanloop naar de crisis-winter die ons te wachten staat noodgedwongen bedrijfsprocessen stil leggen en in paniek dure, ineffectieve maatregelen nemen, of zelfs sluiten.

‘Het had een substantieel deel gescheeld als we meer hadden gedaan’, zegt Ed Nijpels. En met de draai van het kabinet zijn we er nog niet. ‘Nog steeds ligt er veel terrein braak op het gebied van energiebesparing,’ merkt Nijpels op. ‘En het is een van de meest effectieve vormen van klimaatbeleid, het verdient zichzelf altijd terug.’

Voor de handhaving maakt het kabinet nu tientallen miljoenen35 extra vrij. Maar het is de vraag of daarmee alle obstakels zijn weggenomen. ‘De aanpassingen zullen helpen, maar zeker als grote bedrijven niet willen, blijft het handhaven lastig’, zeggen de diensten. ‘Een ondernemer kan altijd verdedigen dat hij iets niet heeft gedaan als een verduurzaming hem te veel geld kost36.’


  1. NOS Nieuws, 14 juli 2022. 

  2. NOS Nieuws, 18 mei 2022. 

  3. NOS Nieuws, 14 juli 2022. 

  4. Trouw, 30 september 2022. 

  5. Zie de officiële start van de campagne op Rijksoverheid.nl

  6. Rob Jetten, ‘Aanscherping energiebesparingsplicht‘, kamerbrief van 4 juli 2022. 

  7. Zie bijvoorbeeld hier

  8. Zie deze bijlage bij een Kamerbrief van 7 september 2021 van toenmalig minister van Economische Zaken en Klimaat, Dilan Yesilgöz. “Echter, uit een eerste verkenning van dit beleid in enkele lidstaten, waaronder onze buurlanden, lijkt er daar geen sprake te zijn van een specifieke vrijstelling voor ETS-bedrijven van nationaal energiebesparingsbeleid”. Het gaat volgens het ministerie in ieder geval om Oostenrijk, België, Denemarken, Duitsland, Italië en Zweden. 

  9. Zie artikelen 8.13a Bor (oud) en 5.12 Bor (nieuw). Aan de vergunning “worden geen voorschrfiten verbonden ter bevordering van een zuinig gebruik van energie in de inrichting.” Verder bepaalt artikel 2.14c van het Activiteitenbesluit dat de verplichting om “alle energiebesparende maatregelen met een terugverdientijd van vijf jaar of minder” te nemen alleen geldt voor Type A en B bedrijven. 

  10. Zie de Miljoenennota 2022, p. 37. 

  11. Antwoorden van minister Rob Jetten op vragen van Investico, e-mail van 23 september 2022. 

  12. 26 van de 29 omgevingsdiensten konden ons hierover bruikbare cijfers verstrekken. Het betrof drieduizend controles in 2019, vijfduizend in 2020 en zevenduizend in 2021. 

  13. 23 van de 29 omgevingsdiensten konden ons hierover bruikbare cijfers verstrekken. Het betrof 8500 overtredingen bij ruim 14.000 controles, dus 60 % overtredingen. 

  14. De besparing bedraagt per 2030 volgens TNO: 16,6 (13-18) petajoule aardgas en 5,3 (4-6) petajoule elektriciteit in de dienstensector en 2 (1-5) petajoule op aardgas en 2 (1-4) petajoule op elektriciteit in de industrie. Volgens de gezaghebbende omgevingsdienst DCMR heb je met 2 Petajoule besparing 70 windturbines of 830 voetbalvelden met zonnepanelen minder nodig. Volgens TNO kan met de besparingen tot 10 Petajoule elektriciteit bezunigd worden, wat neerkomt op 350 windturbines of 4.150 voetbalvelden met zonnepanelen.Het gaat om ruim 14% van de hoeveelheid gaswinning uit het Groningerveld die op 1 april 2022 door de minister is vastgesteld voor het gasjaar 2021-2022. Dat was dit jaar 4,6 miljard kuub. Volgens TNO kan met de maatregelen 23 PJ gas, oftewel 650 miljoen kuub, worden bespaard. 

  15. Zie artikel 2.15 Activiteitenbesluit Milieubeheer. 

  16. Omgevingsdienst Haaglanden tegen Investico, telefoongesprek 16 september 2022. 

  17. Trouw, 4 mei 2018 

  18. Op basis van cijfers die we dan de Omgevingsdiensten ontvingen heeft afgezet tegen de van het Rijk ontvangen lijsten ongeveer 60% van de informatieplichtige bedrijven gerapporteerd. Omdat de overige 40% mogelijk niet allemaal daadwerkelijk informatieplicht zijn, gaan we uit van duizenden in plaats van tienduizenden bedrijven. Niemand kent het precieze aantal. Zie ook dit ‘dashboard’ met een aantal relevante cijfers over de informatieplicht. 

  19. Zie o.a. de uitspraken van de Raad van State 12 september 2007 en Raad van State 23 mei 2018. 

  20. Dit betreft de zogenaamde Type C-inrichtingen. TNO: “Naar schatting van RVO zijn er in Nederland circa 4.000 IPCC installaties en circa 15.000 Type C inrichtingen.” 

  21. E-mailbericht van 7 juli 2022. 

  22. Compendium voor de leefomgeving, “Energieverbruik per sector, 1990-2021”, 30 augustus 2022. 

  23. Zie artikelen 8.13a Bor (oud) en 5.12 Bor (nieuw). Aan de vergunning “worden geen voorschrfiten verbonden ter bevordering van een zuinig gebruik van energie in de inrichting.” Artikel 8.13a Bor trad op 1 januari 2005 in werking. 

  24. T.J. Thurlings, “Omgevingswet en emissiehandel”, Tijdschrift voor Milieu en Recht (2016); V. van ‘t Lam, “Het recht en energietransitie in de industrie”, in: Vereniging voor Milieurecht, 2030: Het juridische instrumentarium voor mitigatie van klimaatverandering, energietransitie en adaptatie in Nederland (2020), p. 135-152. Maar ook J.H.G. van den Broek waarschuwt al voor de inbreuk in “Europese installatieproblemen”, Tijdschrift voor Milieu en Recht (2003). 

  25. Het gaat om artikel 26 van de ETS-richtlijn en artikel 9 lid 2 van de Richtlijn Industriële Emissies (RIE). 

  26. Staatssecretaris Pieter van Geel (VROM) koos er expliciet voor om de uitzondering betrekking te laten hebben op “de gehele inrichting”. Zie de Nota van Wijziging

  27. Zie deze bijlage bij een Kamerbrief van 7 september 2021 van toenmalig minister van Economische Zaken en Klimaat, Dilan Yesilgöz. “Echter, uit een eerste verkenning van dit beleid in enkele lidstaten, waaronder onze buurlanden, lijkt er daar geen sprake te zijn van een specifieke vrijstelling voor ETS-bedrijven van nationaal energiebesparingsbeleid”. Het gaat volgens het ministerie in ieder geval om Oostenrijk, België, Denemarken, Duitsland, Italië en Zweden. De Europese Commissie ging niet in op onze vraag om bevestiging of Nederland inderdaad de enige lidstaat met een dergelijke uitzondering is. 

  28. Bijvoorbeeld in deze uiteenzetting van de Nederlandse positie in dit BNC fiche4, p. 3. 

  29. Zie dit documentvan de Europese Commissie, COM(2010) 639 final Brussels, 10 november 2010. 

  30. Commissiemededeling Energie 2020 COM (2010) 639 28 januari 2011. 

  31. VAO Behandelvoorbehoud richtlijn energie-efficiëntie (AO d.d. 6/9) op 15 september 2011 in de plenaire zaal. 

  32. Motie Leegte, ingediend op 16 september 2011. 

  33. Brief ministerie van Buitenlandse Zaken van 20 januari 2017, p. 6. 

  34. Antwoorden van minister Rob Jetten op vragen van Investico, e-mail van 30 september 2022. 

  35. De subsidieregeling is te vinden op de website van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). 

  36. Omgevingsdiensten Haaglanden (16 september 2022) en West Holland (13 september 2022) tegen Investico. 

Wilt u onafhankelijke onderzoeksjournalistiek ondersteunen? Word Vriend van Investico

U las de longread van dit onderzoek. Heeft u naar aanleiding hiervan een tip? Neem contact met ons op

Diepgravende onderzoeksjournalistiek is onmisbaar. Word nu Vriend van Investico en versterk de onderzoeksjournalistiek in Nederland.

Word vriend