Nieuws

Oud-directeuren Rabobank: inkrimping veestapel was binnen bank onbespreekbaar

Binnen Rabobank was het gesprek over inkrimping van de veestapel “niet te voeren”, dat zegt oud-Rabodirecteur Herman Wijffels tegen Platform Investico en De Groene Amsterdammer. Wijffels was tussen 1986 en 1999 directievoorzitter van Rabobank. Hij stelde voor de verduurzaming van de landbouw een speciale directeur duurzaamheid aan, Triodos-medeoprichter Bart-Jan Krouwel. Die pleitte in de jaren ‘90 vergeefs voor meer biologische landbouw. De landbouwafdeling van de bank zag dat als “amateuristisch idealisme”, zegt Krouwel.

Zo’n dertig jaar geleden stond de boerenleenbank voor een keuze, blijkt uit een terugblik met drie oud-Rabobank directeuren van Platform Investico in samenwerking met Trouw, De Groene Amsterdammer en De Gelderlander. Waar één tak binnen de bank pleitte voor extensieve landbouw, zag de andere tak schaalvergroting, intensivering en innovatie als oplossing voor de milieuproblemen.

Krouwel nam een aantal agrarisch adviseurs van de bank mee naar goedlopende biologische bedrijven. “Fruittelers, varkenshouders. Nou, ze hadden de ene aha-erlebnis na de andere.” Toch bleef de bank sindsdien vooral gangbare landbouw financieren. Het aandeel biologische landbouw in de portefeuille van Rabobank nam maar mondjesmaat toe, tot vier procent nu.

Bestaande belangen voorop

Toen Wijffels zijn handtekening zette onder een manifest dat opriep tot een “omschakeling van de bestaande landbouw naar duurzame landbouw”, kreeg hij “een stevige reprimande van de raad van toezicht,” herinnert oud-directeur Wijffels zich. “Zij vonden dat niet mijn rol. Ik was er om de bestaande belangen te dienen.”

Net als nu kampte de Nederlandse veehouderij in de jaren negentig met een mestoverschot met serieuze milieuproblemen tot gevolg. De hoeveelheid mest die de Nederlandse veehouderij produceerde, overschreed de zogeheten ‘nitraatrichtlijn’, een Europese milieunorm. De paarse kabinetten kondigden een forse inkrimping van de veestapel aan, wat leidde tot felle boerenprotesten en politieke onrust.

In de jaren daarna belandde de schaalvergroting in een stroomversnelling. Uitbreidingen van de intensieve veehouderij werden grotendeels gefinancierd door Rabobank. Het gemiddelde varkensbedrijf heeft nu ruim drieduizend varkens, in 2000 waren dat er nog negenhonderd. Ook het aantal melkkoeien per bedrijf verdubbelde naar 103. En in de pluimveehouderij groeide het aantal legkippen van 16 naar 45 duizend per boer.

De beoogde verduurzaming van de Nederlandse landbouw is Rabobank tot op heden niet gelukt. Dat laat allereerst de stikstofcrisis zien, maar ook de uitstoot van broeikasgassen in de landbouw, die sinds 2000 zelfs licht toenam. En met ruim 24 miljard euro heeft de bank wereldwijd veruit de meeste landbouwleningen uitstaan in de rundveesector, juist de bedrijfstak die al lange tijd bekend staan als één van de grootste klimaatbelasters.

Net als vroeger presenteert Rabobank zich als een coöperatie van leden die het belang van maatschappij en natuur voorop heeft staan. Growing a better world together, heet dat in de reclamecampagne. Maar volgens Wijffels is Rabobank ‘allang niet meer de bank’ die hij bestuurd heeft. ‘Die maatschappelijke verantwoordelijkheid komt Rabobank niet altijd na.’

Lees het onderzoek

Diepgravende onderzoeksjournalistiek is onmisbaar. Word nu Vriend van Investico en versterk de onderzoeksjournalistiek in Nederland.

Word vriend