Rond zoetwatermeer Naivasha, zo’n honderd kilometer boven Nairobi, kronkelt een brede weg. Luid toeterend verkeer schiet van de ene naar de andere kant om flinke kuilen te vermijden – soms een halve meter diep. Chauffeurs van matatu’s, minibusjes, verkiezen vaak de greppels aan weerszijden van de weg, waar de kans op een klapband het kleinst is. Nu en dan duwt iemand met gevaar voor eigen leven een kruiwagen met stenen de weg op om een groef te dichten. Moi South Lake Road steekt schril af bij de strakke asfaltwegen die er links en rechts op aangesloten zijn, beschermd door hekwerken en door bewakers met wapenstokken en geweren. Achter één van die hekken wappert een fiere Feyenoord-vlag. De rozenkwekerijen die zich tussen Moi South Lake Road en het Naivasha-meer genesteld hebben zijn veelal eigendom van Nederlandse boeren, en piekfijn in orde.1

In Nederland nam de rozenteelt afgelopen decennia spectaculair af: tussen 2000 en 2019 slonk het rozenareaal in Nederland van 932 hectare tot een schamele 200.2 Nederlandse telers verhuisden hun bedrijven naar Afrikaanse landen als Kenia en Ethiopië. Daar liggen arbeidslonen, energie- en waterkosten en grondprijzen fors lager en is het klimaat een stuk gunstiger dan in de polder. Rozen gedijen op zonlicht en warmte. Inmiddels is de snijbloem na thee het grootste exportproduct van Kenia en biedt de sector werk aan 500.000 Kenianen.3 Tegelijk lag de sector afgelopen jaren onder vuur vanwege slechte arbeidsomstandigheden,4 grootschalig gebruik van giftige pesticiden en negatieve invloed van de kweek op het milieu.5

Daar komt nu een probleem bij: Nederlandse tuinders ontlopen hun belastingplicht in Kenia, blijkt uit onderzoek van Platform Investico voor De Groene Amsterdammer en Trouw. Een tocht door registraties en jaarverslagen leert dat bloemenbedrijven lokale belastingen ontwijken door slimme trucs via export-bedrijven in Nederland en brievenbusmaatschappen in belastingparadijzen als de Kaaiman- en Britse Maagdeneilanden, Liechtenstein en Jersey. Andere verkopen hun oogst aan een zusterbedrijf in Nederland of Dubai voor een kunstmatig lage prijs, waardoor winst niet bij de Keniaanse kwekerij, maar bij een buitenlandse entiteit valt waar de winstbelasting doorgaans veel lager ligt dan in Kenia.

Terwijl de kwekers belastinginkomsten onttrekken aan het land waar 36 procent van de bevolking in armoede leeft,6 zeggen ze wel eerlijke handel te propageren. Sterker nog, ruim de helft van alle bedrijven die we onderzochten hebben een fairtrade-certificaat. Certificeerders die ‘eerlijke handel’ tussen ontwikkelingslanden en het westen willen bevorderen, bestuderen weliswaar werk- en leefomstandigheden van arbeiders maar hebben een blinde vlek voor belastingontwijking. Experts en NGO’s stellen dat belastinginkomsten juist voor arme landen als Kenia van ongekend belang zijn: het gemis ervan dupeert vooral zwakke groepen in de samenleving als kinderen en vrouwen. ‘Fairtrade – dat is een oxymoron,’ zegt Alvin Mosioma, directeur van Tax Justice Network Africa.7 Er is niets eerlijk aan deze handel. Niet naar de werkers toe die de bloemen knippen, en ook niet naar de overheid.’ 

God en de kwekerij

In de kleine aula van een basisschool in de Keniaanse plaats Naivasha proberen ouders een rood, plastic stoeltje te bemachtigen. “Oserian Church,” staat er op de rugleuningen geschreven; ze zijn juist uit een nabijgelegen kerkgebouwtje gehaald en in keurige rijen gezet. Tijdens deze ceremonie worden de tien best presterende scholieren van afgelopen jaar bejubeld: een van hen mag zich zelfs bij de beste vijfhonderd leerlingen van het land scharen, straks zullen journalisten zich rondom hem verdringen. Maar eerst gaat de schooldirecteur voor in gebed – in een adem dankt hij God én bloemenkwekerij Oserian.8

Oserian is een megabedrijf met Nederlandse wortels: het werd eind jaren zestig opgericht door de Heerlense ex-marinier en verdienstelijk pianist Hans Zwager en is nu een van de grootste exporteurs van rozen en snijbloemen in Afrika.9 Iedere dag worden er een miljoen rozen verwerkt. Een deel gaat per vliegtuig naar Schiphol om verhandeld te worden op de veiling in Aalsmeer, de rest wordt direct geleverd aan Europese supermarkten als Sainsbury’s. Er werken meer dan vierduizend werknemers in de kwekerij, en honderden op de rest van Oserians landgoed. 

Oserian is het uithangbord van de Keniaanse bloemenindustrie. Het steekt flinke sommen in het beschermen van wilde dieren en op haar terrein staan scholen, een ziekenhuis en woonhuizen voor het personeel. Oprichter Hans werd gedecoreerd door recent overleden oud-president Daniel Moi en in 2015 benoemd tot officier in de Orde van Oranje-Nassau voor zijn pionierswerk in de Keniaanse horticultuur en sociaal-verantwoordelijke wijze van ondernemen.10 Vanaf de Moi South Lake Road is er zicht op een paleis met witte torenspitsen die boven de boomgrens uitsteken – dat ooit toebehoorde aan de Britse adellijke geslacht Delemère en nu bewoond wordt door familie Zwager.11

‘Ach, je verdwijnt in het leven daar’, zegt de 46-jarige Fredrick, oud-medewerker van Oserian, achter een bord met vis waarvan hij ook de ogen opeet. In de avondschemer loopt café Hotel Hollywood vol, enkele kilometers vanaf de kwekerij. De ruimte wordt verwarmd door kolenhoopjes waarop vers gevangen tilapias gebakken worden. ‘Oserian voorziet in alle voorzieningen. Als ik vakantie had, wist ik niet waar ik het zoeken moest, alsof er buiten het bedrijf geen wereld meer bestond12.’

Bijna twintig jaar lang zorgde Fredrick, een gezette man in een ruimzittend trainingspak, dat de rozenknoppen bemest werden. Inmiddels werkt hij voor zichzelf: hij repareert en verhuurt fietsen. Bij het bloemenbedrijf werkte Fredrick aanvankelijk voor 12.000 Keniaanse shilling (circa 110 euro) in de maand, maar mensen met dat salaris werden er langzaam uitgewerkt, zegt hij. En nieuwe werknemers verdienen de helft minder. Dat klopt, vertelt de volgende ochtend een nieuwbakken rozenknipper die we een lift geven.13 Zij krijgt maar 59 euro voor een maand werk. Een derde medewerker, die we spreken als we van de route afwijken tijdens een strak geregisseerde rondleiding door het sorteercentrum, spreekt van hetzelfde bedrag – dat ongeveer gelijk is aan het minimumloon voor ongeschoold personeel in Kenia.14

Is dat sociaal ondernemen? Mary Kinyua, administratief directeur van Oserian, zegt in een reactie dat we anders moeten rekenen. Zij houdt één cijfer aan: het gemiddeld salaris van een Oseriaan, dat  167 euro zou bedragen.15

In 2017 splitste Oserian het bedrijf op papier in tweeën. Sommige  werkzaamheden, zoals het inpakken van rozen, werden ondergebracht in een nieuwe bv. Dat bedrijf onttrekt zich aan de sector-CAO die een salaris van 10.000 shilling voorschrijft (91 euro).16 In praktijk blijkt er weinig verschil in werknemers van het ene of het andere bedrijf. In de vaalgroene kassen, die zich uitstrekken zover je kijken kunt, lopen werknemers van beide bedrijven kriskras door elkaar.17 Beide groepen komen overigens bij lange na niet aan het door Hivos berekende leefbaar loon in Naivasha, dat op 2,852 euro per jaar ligt.18 Desondanks gaat Fairtrade dit moment zowel met het minimumloon, als met de sector-CAO akkoord. 19

Gouden bergen

Nederlandse bloemenboeren trokken naar Afrika vanwege de gouden bergen die hen beloofd werden. Maar in Kenia is dat landschap inmiddels fors veranderd; ook daar stort de bloementeelt nu in. ‘Mijn zestien hectare in Nederland levert meer op dan de zeventig in Kenia,’ zegt bloemenboer Arie van den Berg, die zowel in Nederland als in Kenia boert.20 Liggen Nederlandse rozen met Valentijnsdag nog voor een paar euro per stuk bij de bloemist, de Afrikaanse liggen bij Lidl voor een dumpprijs van 1,99 per bos.21 Soms liggen veilingprijzen zo laag dat het voordeliger is een vracht rozen te vernietigen dan op te moeten draaien voor de vliegkosten om haar naar de veiling in het Nederlandse westland te verzenden.22

Wereldwijd neemt de concurrentie toe en Afrikaanse landen proberen elkaar de loef af te steken: buurland Ethiopië is aan een concurrentieslag begonnen door zogenaamde tax holidays aan te bieden – en van een minimumloon is daar überhaupt geen sprake.23 Een ander pijnpunt is de belasting, die in Kenia hoog ligt voor buitenlandse ondernemers: de vennootschapsbelasting bedraagt 37,5 procent. Op een markt waar elke cent telt, doen sommige bedrijven alles om onder die belastingdruk uit te komen — zo blijkt uit de val van ‘s werelds (zelfbenoemd) grootste rozenproducent. 

Vertrouwelijkheid

Een paar jaar geleden namen voetbalteams Oserian FC en Karuturi Sports, gesponsord en genoemd naar twee concurrerende rozenkwekerijen, het nog tegen elkaar op in de Premier League, de hoogste voetbaldivisie in Kenia. De ‘derby van Naivasha’ was een publiekstrekker.24 Maar de spelers van Karuturi Sports moesten in 2014 hun shirtjes inleveren. Ook het terrein van Karuturi ligt er sindsdien verlaten bij: de leegstaande kassen strekken zich honderden meters uit. De ijzeren constructies staan zo ver als je kunt kijken met hier en daar iemand die een verdwaalde roos plukt uit de verder wild groeiende planten in de verlaten kassen.25 Een oud-medewerker woont vijf jaar na het faillissement nog steeds in een hutje bij de ingang van het bedrijf—in de hoop dat hij de drie maanden loon die hij nog tegoed heeft, net als zijn opgebouwde pensioen, nog uitbetaald krijgt. ‘In de laatste maanden voor de kwekerij sloot waren de werkomstandigheden erbarmelijk. Er was geen bescherming meer tegen de pesticiden en de mondkapjes die we op hadden waren niet eens echt geschikt voor stof, laat staan gif’, zegt hij.26

Maar Karuturi werd niet opgedoekt om haar pesticidengebruik. Ze werd schuldig bevonden aan het ontduiken van ruim 18 miljoen euro aan belastingen. Hoewel Karuturi en de belastingdienst op een schikking van 4 miljoen uitkwamen, bleek dat genoeg om het bedrijf over de kop te laten gaan. Rozen werden stelselmatig tegen een veel te lage prijs geëxporteerd naar een eigen bedrijf in Dubai — van waaruit ze verder over de markt verspreid werden. De Keniaanse tak draaide verlies, terwijl de tak in de Emiraten groene cijfers draaide.27 Maar over die winst betaalde Karuturi geen belasting: de Verenigde Arabische Emiraten kennen geen inkomsten-, winst-, en dividendbelasting en geen importheffingen op doorvoergoederen. Terwijl in Kenia 37,5 procent28 belasting wordt geheven, is dit in Dubai 0 procent.29

Dubai is een nieuw belastingparadijs. Free zones, waar de voertaal Engels is en buitenlandse ondernemers volledig eigenaar van een bedrijf mogen zijn, rukken op. Ook drie Nederlandse kwekerijen in Kenia wisten de Emiraten al te vinden, blijkt uit verschillende jaarverslagen uit de Nederlandse Kamer van Koophandel, waaronder het omvangrijke Oserian — dat een logistiek centrum, Airflo FZE (Free Zone Enterprise) opende op het vliegveld van Dubai.30

Naast lage belastingen biedt Dubai verregaande vertrouwelijkheid aan bedrijfseigenaren: jaarverslagen zijn geen verplichting en het opvragen ervan een onmogelijkheid.31 Daarom kunnen we niet met zekerheid zeggen of Oserian gebruik maakt van dezelfde truc als Karuturi. Karuturi viel uiteindelijk door de mand omdat het als beursgenoteerd bedrijf in India meer informatie moest prijsgeven. De Nederlandse bedrijven hoeven dat niet, omdat ze niet aan de beurs staan. 

Kamer van Koophandel

We komen de offshore handel en wandel van Nederlandse bedrijven voor het eerst op het spoor via database FlowerCompanies.com, opgericht door een Nederlandse ondernemer. Bij 21 Afrikaanse ondernemingen staat bij land van vestiging niet Kenia of Ethiopië, maar de Kaaimaneilanden — een zonnige plek, maar zonder ook maar één megakwekerij. ‘Geen idee hoe dit komt, wat gek. Dit is een bug in de website,’ haast de oprichter te zeggen als we hem aan de lijn hebben. Na een paar uur zijn de adressen van de website verwijderd32, maar hebben we via andere wegen ontdekt dat het gros van die bedrijven inderdaad vestigingen op belastingparadijzen als de Kaaimaneilanden hebben. 

Bewijzen dat zij geen of weinig Keniaanse belasting betalen, is moeilijker. Volgens de wet hebben alle inwoners van Kenia het recht om gegevens van overheidsinstellingen en private bedrijven op te vragen. Omdat wij geen Keniaanse ingezetenen zijn, gaat een student belastingrecht voor ons op pad in Nairobi om jaarverslagen van Nederlandse kwekers in Kenia in te zien.33

Bij zijn eerste bezoek aan de Keniaanse Kamer van Koophandel, wordt hij gesommeerd zijn keuzes via internet door te geven en bij het tweede krijgt hij alleen een lege insteekhoes in zijn handen gedrukt. De derde keer krijgt hij eindelijk een echt dossier voor zijn neus — dat van Oserian. Voor de inzage legt hij ruim zes euro neer: een astronomisch bedrag voor veel Kenianen. Foto’s maken mag niet en camera’s moeten bezoekers daar inderdaad van weerhouden. Onze ‘informant’ is huiverig om zijn google glass-achtige brilletje te gebruiken. Al bellend met Nederland bladert hij het boekwerk door, dat een onafhankelijke audit van Deloitte bevat, waarin de omzet van Oserian over 2013 geraamd wordt op 2,7 miljoen euro. Onder de streep blijft er maar 3.910 euro winst over op hun eigen jaarrekening – waar Oserian een kleine 1.041 euro van afdraagt aan de belastingdienst.

We schrijven, geheel volgens de wet, een brief aan de Keniaanse Kamer van Koophandel waarin we vragen om kopieën van het dossier — maar de papieren die de Keniaanse student een paar dagen terug nog inzag, zijn opeens ‘zoek’. Ook het bedrijf zelf weigert elke informatie over haar financiën over te dragen.34 

Op zoek naar de “nul”

De familie Zwager, eigenaar van Oserian, bouwde afgelopen decennia een geheel web aan ondernemingen rondom de kwekerij die tezamen de gehele keten dekken: van kweek tot verkoop tot distributie. Een bedrijf in Nederland houdt zich bezig met ‘de sales en marketing van snijbloemen35’, het Nederlandse bedrijf van Peter Zwager draaide in 2010 een bruto omzet van 47 miljoen euro. De meeste medewerkers werken, volgens LinkedIn36, gewoon vanuit Kenia. Dat kan ook niet anders, want werkplekken zijn er in Amsterdam niet: het bedrijf werd ondergebracht bij trustkantoor Align.37 

Uiteindelijk belanghebbende van al die ‘Nederlandse’ bedrijven is Mavuno Group Holding Company Establishment, een trust in belastingparadijs Liechtenstein, dat opnieuw door een trustkantoor beheerd wordt.38 Geen land in Europa strijkt zo weinig belasting op als Liechtenstein, en het is er bovenal nogal intransparant. Enige twee aandeelhouders die we achterhalen zijn een bedrijf op hetzelfde adres in het vorstendom, en één nabij de pittoreske haven van Road Town, de hoofdstad van de Britse Maagdeneilanden – dat weer eigenaar is van een hele reeks bedrijven, waaronder een vastgoedbedrijf in Florida.39

Andere bedrijfstakken van Oserian lopen via een wirwar aan vage aandeelhouders en directeuren ook steeds dood op paradijselijke eilanden waar jaarverslagen noch uiteindelijk eigenaren openbaar zijn. We zien Nieuw-Zeeland, Bahamas en Jersey. ‘We verkopen niets in Liechtenstein, we handelen er niet, we halen er zeker geen belastingvoordeel — het is gewoon een trust,’ legt administratief directeur Mary Kinyua uit. ‘De eigenaar van Oserian, Peter Zwager, stopt er zijn vermogen40 in.’ Op de vraag waarom Oserian in Kenia maar zo’n 2000 euro winst maakt, heeft ze geen antwoord.

‘Dit is super tekenend, hoor, het is heel duidelijk dat hier geprobeerd wordt om belasting te ontwijken’, zegt Vincent Kiezebrink van Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen (SOMO) als we de uitgetekende bedrijfsstructuur van Oserian voorleggen. ‘Het ziet eruit alsof ze het onderste uit de kan proberen te halen,’ grinnikt hij.41 ‘Alle tax havens komen langs. Zoveel paradijzen heb je niet nodig om te ontwijken. Veel grote bedrijven zijn tegenwoordig met hun imago bezig: ze vestigen zich niet meer op de Bahamas maar in Ierland of Cyprus, landen die wat minder heftig overkomen op het publiek, omdat ze toch nog zo’n 15 procent belasting zeggen te heffen. Dat bewustzijn zie ik hier niet terug. Het zou me niets verbazen als dit bedrijf denkt: ‘Hoe dichter bij de nul, hoe beter.’

‘Estate planning’

Rond emigrerende boeren ontvouwt zich een wereld vol geslepen advocaten en accountants die hen wegwijs maken in Kenia en hen waar nodig aan landbouwgrond en belastingconstructies helpen. Een spil daarin is advocatenkantoor Raffman Dhanji Elms & Virdee. Advocaat Guy Spencer Elms, een van de drie naamgevers, is niet van onbesproken gedrag: op internet is hij bekend als #DeanofCorruption42 en hij stond centraal in een veelvoud aan corruptieschandalen, maar hij kwam steeds ongestraft de rechtszaal uit. De betichtingen spreekt hij stuk voor stuk tegen: in een ruzie om een stuk grond zou hij een crimineel kartel op zijn hals gehaald hebben dat hem, naar eigen zeggen, telkens weer in een kwaad daglicht stelt. Elms zegt zelf de tax planning van verschillende Nederlandse kwekerijen te regelen,43 ook helpt hij boeren aan landbouwgrond. Als we hem de offshore constructies voorleggen zegt hij: ‘Mensen denken meteen aan iets slechts als horen over een trust in Liechtenstein of op de Britse Maagdeneilanden maar vaak is het gewoon een wijze van ‘estate planning’, trusts zijn niet per se een slechte zaak44’. De eigenaars van bloemenbedrijf PrimaRosa – dat nog altijd een Fairtrade-certificaat draagt45 – van wie Elms advocaat is, werd echter veroordeeld voor het ontwijken van miljoenen aan belasting via een offshore constructie met de Britse Maagdeneilanden46. Het paradijselijke bedrijf zou hoge leningen hebben uitgegeven aan de Keniaanse kwekerij. Daarover betaalde het Keniaanse bedrijf zoveel rente, dat er geen winst meer behaald werd in Kenia.

Corruptie

‘Tax is Life!’ leest de slogan van de viering 100 jaar inkomstenbelasting in Kenia. Het luxueuze Safari Park Hotel in Nairobi is de locatie van de belastingconferentie, georganiseerd door de Universiteit van Nairobi. Joan, een studente in de zaal, haalt een beltegoed-bonnetje uit haar tas, en wijst naar de 16 procent BTW. ‘Dit is waarom ik belasting zo belangrijk vind. Belasting kan Kenia uit de modder trekken,’ zegt ze. Studenten geven belasting een bijna activistische parfum, ze zien het als de toekomst. Waar die verandering moet plaatsvinden is iets waar iedereen het over eens is: bij de overheid. 

Belastinggoeroe Attiya Waris, hoogleraar fiscaal recht, stelt het belang van en de problematiek rond het belastingstelsel in Kenia, en in algemenere zin, in heel Afrika aan de kaak: volgens de OECD mist Afrika jaarlijks 46 miljard euro aan belastinginkomsten door ontwijkende multinationals. De Verenigde Naties ramen dat bedrag zelfs op 92 miljard euro.47 Waris deed zelf lange tijd onderzoek naar bloemenbedrijven in het land. ‘Kenia staat haar grond af aan buitenlandse ondernemingen, maar de winst die zij maken, valt elders. Het is geen win-win-situatie.’ 

Het Nederlandse Berg RoseS kreeg vorig jaar met terugwerkende kracht 1,8 miljoen aan inkomstenbelasting opgelegd. Het bedrijf werd er door de Keniaanse belastingdienst van beticht samen te spannen met haar moederbedrijf in Nederland.48  De Keniaanse tak zou het gros van haar bloemen verkopen voor extreem lage prijzen aan het moederbedrijf in Nederland zodat de winst niet in Kenia, maar in Nederland valt. De rechtszaak loopt nog want Van den Berg vocht de kwestie aan. ‘Wij zorgen ervoor dat we vijftig procent winst in Kenia, en vijftig procent in Nederland maken. Dat lijkt ons eerlijk. Als we deze zaak verliezen, is dat de doodsteek voor ons bedrijf.’ Een beetje wrang is het wel. Van den Berg ziet bedrijven die de winst wegsluizen naar offshore trusts, en daar volgens hem nooit iets over horen. 

‘Niet alleen in de sector, ook bij de overheid wordt enkel gedacht in termen van winst, niet aan wat goed is voor voor het land,’ zegt belastingexpert Waris aan het eind van de viering49. Ze trekt haar kleurrijke sjaal iets strakker om haar schouders en gaat op fluistertoon verder wanneer een duo gewapende bewakers langs loopt. Het zou een morele verplichting moeten zijn om belasting af te dragen in een land waarvan je de grond, het water en de mensen gebruikt, vindt ze. Maar het toezicht op de bloemensector laat vaak te wensen over omdat het bedrijfsleven en de politieke elite verweven zijn – een ander woord voor corruptie. Dat werd bijvoorbeeld duidelijk toen in de Panama Papers Sally Jemngetich Kosgei, destijds minister voor agricultuur en eigenaar van een bloemenkwekerij, de winst van dat bedrijf via Mauritius, in Londens vastgoed investeerde.50

Fairtrade

Eerlijke handel-organisaties zien belastingmoraal niet als hun verantwoordelijkheid. Het voorblad van een recente uitgave van Fairtrade International wordt notabene gesierd een foto van kwekerij Waridi Limited – dat nagenoeg volledig in handen is van een bedrijf op de Maagdeneilanden.51 Nederlandse kwekerijen in Kenia zijn vrijwel allemaal in bezit van het Fairtrade-keurmerk dat staat voor goede voorwaarden. ‘Oserian verkoopt 14 procent van haar productie als Fairtrade-roos,’ vertelt Tara Scally, woordvoerder van Fairtrade Nederland. Een deel van de opbrengst van Fairtrade-rozen, die vaak duurder zijn, vloeit terug in een potje waar werknemers van de boerderij zelf over kunnen beschikken: dat steken ze bijvoorbeeld in onderwijs, of in het salaris van een arts. De focus van Fairtrade is gericht op de positie van boeren en arbeiders, zegt Tara Scally, voorlichter van Fairtrade Nederland. Belastingconstructies zijn daar geen onderdeel van.52 Belastingonderzoek vergt bovendien veel specialistische kennis en geldmiddelen zegt ze. En ze vreest dat bedrijven niet meer aan het programma meedoen als zij volledig inzicht moeten geven in hun boeken. ‘De consequentie daarvan kan zijn dat arbeiders een deel van hun inkomen verliezen. Dat zien we logischerwijs liever niet.’ 

Een belachelijke redenering, vindt Alvin Mosioma, oprichter en directeur van Tax Justice Network Africa. ‘Een Fairtrade-label dragen terwijl je je belasting niet betaalt? Dat is een oxymoron53.’ Mosioma beschouwt Fairtrade als een marketing gimmick. ‘Mensen kopen geen roos met bloed eraan. Social responsibility is onderdeel van de brand van deze bedrijven. Ze bouwen ziekenhuizen, scholen. Dat geeft de consument, die zo’n roos koopt, een goed gevoel – het idee dat ze iets bijdragen aan de ontwikkeling van zo’n land. Niets staat verder af van de waarheid. Die mensen werken onder zeer precaire omstandigheden, voor een minimumloon. Het is nogal paternalistisch: je geeft ze banen, en een school. Maar je koopt er de mensen ook mee om. Die zijn blij met zo’n investering. “Kijk eens, zeggen ze dan tegen de overheid, “Dit bedrijf zorgt voor ons. Dat doet de overheid niet.” Nee – het land heeft daar geen geld voor, ook omdat dezelfde bedrijven aan agressieve tax planning doen.’ 

 

Dit artikel is onderdeel van het MoneyTrail-project ondersteund door de Nationale Postcode Loterij. 

  1. Blijkt uit bezoek aan Naivasha in november 2019 ↩︎
  2. Blijkt uit dit rapport van het CBS ↩︎
  3. Blijkt uit dit rapport van PASGR ↩︎
  4. Blijkt uit dit rapport van TruePrice ↩︎
  5. Zie onder andere de berichtgeving van NOS ↩︎
  6. Blijkt uit data van de Wereldbank ↩︎
  7. Interview via Skype ↩︎
  8. Reportage bij Oserian in november 2019 in Kenia ↩︎
  9. Boek Holland Flowering door Andrew Gebhardt, pagina 225 ↩︎
  10. Zie dit Facebookbericht van de Nederlandse Ambassade in Kenia ↩︎
  11. Het Djinn Paleis in Naivasha waar June Zwager de huidige bewoner is ↩︎
  12. Gefingeerde naam. Interview in Hotel Hollywood in het dorp Sulmac, november 2019 ↩︎
  13. Een medewerker die we een lift geven naar Oserian, november 2019, Kenia ↩︎
  14. Zie hier minimumloon voor unskilled employees in Kenia ↩︎
  15. Blijkt uit een mailwisseling met Kinyua ↩︎
  16. Vertelde persvoorlichter van Fairtrade Nederland in telefonisch interview ↩︎
  17. Zien we in het kassencomplex - werknemers van beide bedrijven dragen distinctieve overalls ↩︎
  18. Rapport van True Price in opdracht van Hivos ↩︎
  19. Blijkt uit telefonisch interview met woordvoerder Fairtrade Nederland ↩︎
  20. Telefonisch interview ↩︎
  21. Blijkt uit dit artikel ↩︎
  22. Blijkt onder andere uit dit artikel van Hortipoint ↩︎
  23. Blijkt uit dit rapport van MyWage ↩︎
  24. Zie bijvoorbeeld deze voetbalwebsite ↩︎
  25. Reportage in Naivasha, november 2019 ↩︎
  26. Interview in november 2019 ↩︎
  27. Zie bijvoorbeeld dit uitgebreide nieuwsbericht van The Nation ↩︎
  28. Blijkt uit Double Tax Agreement met Nederland: en ook uit dit rapport ↩︎
  29. Zie bijvoorbeeld dit artikel van Follow The Money over belastingparadijs Dubai ↩︎
  30. Zie deze lijst met bedrijven in de Free Zone ↩︎
  31. Blijkt uit dit artikel ↩︎
  32. Informatie is direct verwijderd van de website, wel in te zien via InternetArchives, ook zijn we in het bezit van screenshots ↩︎
  33. Onze informant is een student fiscaal recht, een contact via de universiteit van Nairobi ↩︎
  34. Stelde administratief directeur Mary Kinyua per mail en in een telefoongesprek ↩︎
  35. Blijkt uit registratie van dit bedrijf, Mavuno Holdings (NL) BV, in de Kamer van Koophandel ↩︎
  36. Blijkt uit LinkedIn ↩︎
  37. Blijkt uit vestigingsadres van Mavuno Holdings (NL) BV in de Kamer van Koophandel ↩︎
  38. Blijkt uit registratie Mavuno Group Holding Company Establishment, verkregen via de Liechtensteinse Firmenindex ↩︎
  39. Nominee is TS Directors Limited in Tortola. We zien dat bedrijf terug in Florida Limited Liability Company Barren Property ↩︎
  40. Nominee is TS Directors Limited in Tortola. We zien dat bedrijf terug in Florida Limited Liability Company Barren Property ↩︎
  41. Interview met SOMO op 21 januari 2020 ↩︎
  42. Zie bijvoorbeeld Twitter ↩︎
  43. Op de site van het advocatenkantoor lichten ze hun specialisatie toe ↩︎
  44. Telefoongesprek met Elms ↩︎
  45. Blijkt uit de website van PrimaRosa ↩︎
  46. Blijkt uit de veroordeling van de rechtbank die gepubliceerd werd door KenyaLaw ↩︎
  47. Dit blijkt uit dit artikel ↩︎
  48. Blijkt uit een telefoongesprek met Arie van den Berg en onder andere deze rechtszaak ↩︎
  49. Interview met Waris in november 2019 ↩︎
  50. Blijkt uit documenten uit de offshore Leaks ↩︎
  51. Zie de voorpagina van dit rapport ↩︎
  52. Telefonisch interview ↩︎
  53. Interview via Skype ↩︎

Auteurs

default-person

Romy van der Burgh

Profiel-pagina
linda-van-der-pol-dichterbij

Linda van der Pol

Linda van der Pol is cultuurhistoricus en neerlandicus...

Linda van der Pol is cultuurhistoricus en neerlandicus. Voor Investico schreef ze over manipulatie met misdaadcijfers bij de Nationale …
Profiel-pagina