Topambtenaren hebben een plan om multinationals binnen de Europese Unie een minimumtarief van 10 procent aan belasting te laten betalen over wat ingewikkeld heet royalty’s en rente. Daarmee wordt een halt toegeroepen aan een fiscale truc voor internationaal opererende bedrijven om de winsten via kostenposten als royalty’s en rente weg te sluizen naar een vennootschap  in een land met een laag belastingtarief. Aan die concurrentie tussen EU-landen moet een einde komen, zodat internationale bedrijven minder kans zien om belasting te ontwijken.

Hoogleraar bedrijfsbelastingen aan de Universiteit van Amsterdam, Jan van de Streek en promovendus Martijn Nouwen, gespecialiseerd in belastingconcurrentie binnen de EU, volgen al jaren het steekspel binnen de unie om belastingontwijking aan te pakken. Zij kregen van Trouw en het platform voor onderzoeksjournalistiek Investico inzage in de interne documenten van de EU die gaan over de aanpak van belastingontwijking sinds 1997.

 

Waarom zijn die interne stukken bijzonder?

Nouwen: Er wordt al 20 jaar over gesproken om belastingontwijking aan te pakken, maar een minimum belastingtarief binnen de EU werd altijd weggehoond. Het raakt de soevereiniteit van lidstaten om zelf belasting te heffen in het hart. Het is dus baanbrekend dat er een voorstel ligt voor één Europees minimumtarief van tien procent op royalty’s en rente. Dat tarief moet geheven worden in het Europese land waar de inkomsten worden ontvangen. Gebeurt dat niet dan mag een ander EU-land, waar het geld van het bedrijf vandaan komt, óók die belasting heffen, deze regeling staat bekend als bronheffing.

Het eindstation in de EU dient de royalty’s te belasten tegen minimaal 10 procent?

Van de Streek:Ze zitten nu op een voorstel met een ondergrens van 10 procent. Dat tarief is gekozen omdat dit momenteel het laagste tarief is in de Europese Unie, zodat geen lidstaat bezwaar tegen dat belastingtarief kan hebben. Bulgarije hanteert die 10 procent. Nederland zit daar nu boven.

Een gezamenlijk vangnet om belastingontwijking in de EU te voorkomen, is dat zo bijzonder?

Van de Streek: We hebben straks een bodem met elkaar afgesproken. De afspraken hoe het gezamenlijk werkt zijn dan gemaakt en moeten nog wel door de 27 lidstaten politiek worden goedgekeurd. Daarna heb je een knop: het belastingtarief. Je kunt daar op termijn gezamenlijk aandraaien, meer of minder belasting. Daar moet je het wel telkens gezamenlijk met alle EU-landen over eens worden. Maar dat is minder ingewikkeld dan het eens worden over het mechanisme van een gezamenlijke regeling met een minimumtarief dat nu op tafel ligt.

 

Binnen de Oeso waren er al afspraken gemaakt om gaten in de regelgeving te dichten. Nu komt de EU met een gezamenlijk minimumtarief. Is dat niet een stap verder?

Van de Streek: De EU lijkt een voorbeeld te willen stellen en voorop te gaan lopen in de wereld . De EU wil iets iconisch doen. Maar het heeft ook een nadeel. Eigenlijk moet je dit mondiaal doen, want belastingconcurrentie is een probleem op wereldschaal waar steeds naar het laagste tarief wordt gezocht.

Het gebeurt niet mondiaal. De VS, Rusland, China, Azië doen niet mee, dus dat gaat Europa geld kosten omdat bedrijven hun heil in een goedkoper belastingklimaat elders gaan zoeken.

Nouwen: Dat is goed mogelijk. Het gaat hier om een internationaal probleem, de wedloop naar de bodem, het laagste belastingtarief. De EU kan dit niet alleen oplossen. Het moet echt samen met andere landen en de EU worden opgelost, anders blijven er in de wereld gaten tussen belastingsystemen bestaan. Een ‘Alleingang’ gaat Europa geld kosten.

Van de Streek: De verleiding bestaat dat wij in Europa gaan zeggen: als de VS en Azië niet meedoen, dan gaan we bijvoorbeeld Amerikaanse of Chinese bedrijven hier toch belasten. Je krijgt dan een enorm spanningsveld, een internationale Tax War, die zich nu al aan het ontwikkelen is tussen Europa en de Verenigde Staten, zie de belastingnaheffing van 13 miljard euro voor Apple en de boze reactie van de Amerikaanse fiscus.

Uit de interne EU-stukken lijk het of Nederland dat lage tarief voor zijn patentenbox probeert te redden?

Van de Streek: Daar lijkt het wel op.Nederland heeft verschillende varianten voorgesteld om onder die 10 procent te mogen zitten. De inzet is om het gunstige vestigingsklimaat voor internationale bedrijven in Nederland te behouden ten opzichte van andere landen.

Nouwen: Of de EU uitkomt op een minimumtarief van 5 procent is nog maar de vraag. In rekenvoorbeelden wordt nu uitgegaan van 7,5 procent. Dat zou een door Brussel afgedwongen tariefsverhoging voor Nederland betekenen.

Als een Europees minimumtarief voor royalty’s en rente er komt, kan dat straks ook voor andere belastingen gaan gelden?

Nouwen:Als de principes van een EU-belastingondergrens zijn vastgelegd kunnen die ook worden ingevoerd bij andere belastingen om ontwijking tegen te gaan, zoals bij de vennootschapsbelasting.  Daarom ligt deze materie ook zo gevoelig. Ook weer belangrijk als we kijken naar de Brexit. Als Groot-Brittannië de vennootschapsbelasting fors omlaag brengt, zoals ze hebben aangekondigd, dan wil Ierland mogelijk lager gaan zitten en dat heeft weer consequenties voor alle EU-landen.

Welke rol speelde Nederland de afgelopen 20 jaar gespeeld? Naar buiten mooi weer spelen, de typische dominee, en intern de koopman?

Nouwen: Dijsselbloem heeft recent in de Tweede Kamer gezegd dat Nederland in het verleden op onderdelen dwars heeft gelegen. Maar onder het Nederlandse voorzitterschap  van de EU, het eerste half van 2016,  zijn er voor het eerst bindende Europese afspraken gemaakt om belastingontwijking door bedrijven aan te pakken en dat is in 20 jaar niet gebeurd. Dijsselbloem lijkt een grote rol te hebben gespeeld bij de huidige veranderingen en de nieuwe maatregelen om belastingontwijking aan te pakken.

Hoe nu verder?

Nouwen: Slowakije, de huidige EU voorzitter heeft het voorstel voor een belastingondergrens voor rente en royalty’s nu hoog op de politieke agenda gezet. Het wordt spannend want de lidstaten zullen nu kleur moeten bekennen voor het oog van de camera.

Wie zijn Jan van de Streek en Martijn Nouwen?  

Jan van de Streek is hoogleraar bij het Amsterdam Centre for Tax Law van de Universiteit van Amsterdam. Hij is gespecialiseerd in de harmonisatie van Europese bedrijfsbelastingen. Jan is ook verbonden aan belastingadvieskantoor Loyens & Loeff. 

Martijn Nouwen promoveert op belastingconcurrentie in de Europese Unie. Hij onderzoekt de onderhandelingen in de Europese werkgroepen. Aanstaande maandag spreekt hij als expert tijdens de hoorzitting in de Tweede Kamer over belastingontwijking. Martijn werkt ook voor EY (voorheen Ernst & Young).

Auteurs

54-Investico-07-06-201700996

Karlijn Kuijpers

Karlijn studeerde milieuwetenschappen en criminologie en...

Karlijn studeerde milieuwetenschappen en criminologie en deed voor SOMO onderzoek naar de relatie tussen bedrijven en landconflicten in …
Profiel-pagina
default-person

Jan Kleinnijenhuis

Profiel-pagina
default-person

Erik van Zwam

Profiel-pagina