De bestrijding van desinformatie door de Europese Unie in aanloop naar de Europese Verkiezingen eind mei, stelt vrijwel niets voor. De strijd tegen desinformatie en fake news is in handen van slechts een handvol Europese ambtenaren die zich bovendien niet mogen bezighouden met desinformatie binnen de EU zelf. Dat blijkt uit onderzoek van platform voor onderzoeksjournalistiek Investico in samenwerking met Investigate Europe dat deze week wordt gepubliceerd in De Groene Amsterdammer.

De enige Europese eenheid die desinformatie kan bestrijden, de East StratCom Task Force, moet dit doen met een budget van 5 miljoen euro. Tot 2017 had de club helemaal geen eigen geld. ‘We claimen niet dat alles te weten over desinformatie, dat kan gewoon niet met dit budget,’ zegt een hooggeplaatste EU-ambtenaar. Omdat de club geen nepnieuws binnen de EU mag onderzoeken, richt de taskforce zich vooral op bewustwording bij nationale overheden. ‘Zij moeten desinformatie serieus nemen. Brussel gaat dit probleem niet oplossen.’

Van het Rapid Alert System (snel alarmeringssysteem) dat de Europese Commissie afgelopen december in het leven riep om valse berichtgeving te onderscheppen en te bestrijden, is evenmin veel te verwachten. ‘Het is niet snel, het is geen systeem, en er komen geen alerts, behalve wanneer journalisten iets onthullen,’ zegt een Europese diplomaat. Het systeem werd in maart gelanceerd en blijkt te bestaan uit een WhatsApp-groepje van ambtenaren. Zij worden geacht nationale casussen van desinformatie, door te geven aan hun Europese collega’s.

Podcast: Speurwerk

Podcast: hoe bestrijdt Europa desinformatie?

Aflevering drie van de podcast Speurwerk, over de bestrijding van desinformatie in Europa

Het verbod om desinformatie binnen de EU te bestrijden, is ingesteld na klachten van de Nederlandse regering over eerdere pogingen van de Europese taskforce om nepnieuws te bestrijden. Daarbij werden zonder nader onderzoek De Gelderlander, GeenStijl en The Post Online op een zwarte lijst met bronnen van desinformatie gezet. Vooral Rusland heeft nu de aandacht van de bestrijders. ‘Maar de sterke Europese focus op externe dreigingen is een fout,’ zegt Paul Butcher, onderzoeker bij de Brusselse denktank European Policy Centre. ‘Desinformatie kan overal vandaan komen en door iedereen gemaakt worden. En Rusland staat juist laag op de lijst.’

Goedkope PR

Sociale mediaplatforms als Facebook en Google, die de Europese Commissie hebben beloofd het probleem te helpen oplossen, zijn evenmin klaar voor de Europese verkiezingen, blijkt uit het onderzoek. Hun traagheid is deels bewust beleid, stelt Monique Goyens, directeur van de Europese vertegenwoordiger van consumentenbelangen BEUC. De mediaplatforms proberen volgens haar tijd te winnen om echt verstrekkende maatregelen te voorkomen. Zo hield Facebook in een Europees overlegorgaan de discussie over monopolievorming af met het argument dat ze anders geen steun meer zouden geven aan factcheckers en journalisten, zegt ze. ‘Het was gewoon chantage.’

‘Het was gewoon chantage.’

Ook bij factcheckers klinkt kritiek op de samenwerkingen die Facebook met journalisten. ‘Facebook probeert zijn reputatie te verbeteren door samen te werken met journalisten: dat is veel goedkoper en effectiever dan een groot PR-team,’ zegt de Amerikaanse journalist Brooke Binkowski. Tot de zomer van 2018 werkte zij voor Snopes, een Amerikaanse factcheckwebsite die tot begin dit jaar met Facebook samenwerkte. Inmiddels werkt Facebook met 43 factcheck-clubs en journalistieke organisaties die berichten verifiëren in 24 talen.

Uit eerder onderzoek dat het Spaanse data-analyse bedrijf Alto Analytics deelde met Investico en Investigate Europe bleek dat rechts-nationalistische partijen het politieke debat op publieke sociale media in Spanje, Duitsland, Frankrijk, Italië en Polen al grotendeels domineren. Met name op Twitter opereert een kleine groep zeer actieve gebruikers die het nationalistisch en anti-immigratiedebat in Europa probeert te sturen en soms meer dan honderd tweets per dag verzendt. Van deze hyperactieve twitteraars toont veertig tot zeventig procent affiniteit met nationalistische of anti-immigratiebewegingen.

Lees het hele onderzoek vandaag bij De Groene Amsterdammer. En lees hier het nieuwsbericht over nationalistisch-rechtse partijen die het online politieke debat domineren in vijf Europese landen.

Geannoteerde versie

Meer weten over de bronnen achter het onderzoek? Bekijk hier de geannoteerde versie van de longread.

Over dit onderzoek

Voor dit onderzoek werkte Platform Investico samen met Investigate Europe, een journalistieke organisatie voor onderzoek naar actuele kwesties met een overstijgend Europees belang. Het journalistieke team voor dit onderzoek bestond naast Daphné Dupont-Nivet van Investico uit Wojciech Ciesla, Ingeborg Eliassen, Juliet Ferguson, Nikolas Leontopoulos, Maria Maggiore, Leila Minano, Paulo Pena, Nico Schmidt, Harald Schumann en Elisa Simantke. Meer informatie over het project op: www.investigate-europe.eu

Auteurs

54-Investico-07-06-201700749

Daphné Dupont-Nivet

Daphné studeerde conflict studies en internationale betrekkingen...

Daphné studeerde conflict studies en internationale betrekkingen aan de Universiteit Utrecht en wereldgeschiedenis aan Columbia University …
Profiel-pagina